Onafhankelijke journalistiek over de Vrije Universiteit Amsterdam | Sinds 1953
30 september 2026

Wetenschap
& Onderwijs

Jade Meester (links) en Nina Jacob

Waarom zoveel promovendi de eindstreep niet halen

Een op de vier promovendi stopt voortijdig met hun onderzoek door een opeenstapeling van problemen. Masterstudenten Jade Meester en Nina Jacob interviewden deze groep over hun beweegredenen.

Slechte begeleiding, ontbrekende data of de druk om snel te moeten publiceren. De problemen waar promovendi mee te maken krijgen, zijn legio. Voor een deel horen die bij hun baan. Promovendi moeten leren om zelfstandig wetenschappelijk onderzoek te doen, ook als de omstandigheden niet optimaal zijn. Maar nog te vaak worden ze door begeleiders totaal aan hun lot overgelaten, of worden ze het slachtoffer van pestgedrag, een slechte werksfeer of politieke spelletjes, tussen bijvoorbeeld verschillende begeleiders.  

Scriptieonderzoek 

- Nina Jacob en Jade Meester deden het grootste deel van de interviews samen, maar ze schreven ieder hun eigen masterscriptie.
- De scriptie van Jacob focust op de rol van gender en werk-privébalans bij werkstress van promovendi.
  - De scriptie van Meester focust op het welzijn van gestopte promovendi.
- Meester en Jacob willen zelf niet de wetenschap in. Jacob wil notaris worden en Meester wil graag aan de slag als consultant.
 

Uit het onderzoek van masterstudenten Beleid, Communicatie en Organisatie Jade Meester en Nina Jacob komt naar voren dat promovendi geregeld in onwerkbare situaties terechtkomen waar ze zelf niks aan kunnen doen. Meester en Jacob interviewden opgeteld dertig promovendi die hun onderzoek voortijdig hadden afgebroken. Ze schreven daar ieder hun eigen scriptie over (zie kader). 

Uitgeput na vakantie 

Xander is een van de geïnterviewden. Hij werd als promovendus bij een Nederlandse universiteit aangenomen om te werken met data die, toen hij er eenmaal was, niet beschikbaar bleek. Zelfs de toestemming om die data te verzamelen was er (nog) niet. Zijn begeleiders verwachtten dat hijzelf met een oplossing zou komen en snel ook, want er moesten wel artikelen worden gepubliceerd. Ondertussen hadden ze weinig tijd voor hem en vonden ze de oplossingen die Xander aandroeg niet goed genoeg. 

Hoe hij dat oploste, moest hij zelf maar uitzoeken 

Driekwart jaar bungelde Xander in deze situatie. Gedurende die tijd werd hij steeds gestrester: hij sliep slecht, kon zich niet meer concentreren, kon op sommige dagen amper uit bed komen en voelde zich schuldig over het gebrek aan voortgang in zijn onderzoek. “Ik dacht dat het aan mij lag.” 

Xander deed een cursus voor promovendi, waar de docent zijn geval uitkoos om met de groep te bespreken. Samen met andere promovendi dacht hij na over wat hij in zijn situatie zou kunnen veranderen. Het antwoord was: weinig. Dat was een belangrijke eyeopener voor Xander. Een andere was het besef dat hij zich na de vakantie al binnen een paar dagen weer net zo uitgeput voelde als daarvoor. Xander sprak met een vertrouwenspersoon en een bedrijfsmaatschappelijk werker. Na veel twijfel kwam hij tot de conclusie dat hij beter kon stoppen. Toen hij dat tegen zijn twee belangrijkste begeleiders zei, antwoordden die dat het misschien maar beter was.  

Diepe depressie 

Xander is niet de enige bij wie het vastgelopen promotietraject diepe impact had op zijn leven en welzijn. Een flink deel van de gestopte promovendi uit het onderzoek van Meester en Jacob kampt of kampte met serieuze stressklachten of andere psychische problemen. “Sommige verhalen waren heftig, mensen kregen een burnout of kwamen in een diepe depressie terecht”, vertelt Meester. “Soms moesten we na een interview echt even bijkomen.” Wat ook opviel: de promovendi deden graag mee aan het onderzoek. Over het algemeen vinden ze het belangrijk om over hun ervaringen te vertellen, ook zodat anderen ervan kunnen leren. Velen hebben zich heel eenzaam gevoeld in hun worsteling.  

Dat er qua werkomstandigheden voor promovendi nog veel te verbeteren valt, blijkt ook uit cijfers van het CBS uit 2025. Van de mensen die de afgelopen tien jaar promoveerden, ervoer 68 procent een hoge of zeer hoge werkdruk en 35 procent kreeg te maken met ongewenst gedrag, vooral pesten en discriminatie. Promovendi hebben bovendien vaker last van psychische klachten dan hoogopgeleide leeftijdsgenoten in andere beroepen, concludeert Meester in haar scriptie. 

Publicatiedruk 

Uiteindelijk maakt een kwart van de promovendi hun onderzoek niet af, meldt het Rathenau Instituut. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat werkdruk daarbij een grote rol speelt, vaak in combinatie met gebrekkige begeleiding. Promovendi krijgen stress van de hoge eisen die aan hen worden gesteld, terwijl ze niet adequaat worden ondersteund om daaraan te kunnen voldoen. In een landelijke enquête onder promovendi door Universiteiten van Nederland noemt een derde van de promovendi die achterlopen op schema onvoldoende begeleiding als reden daarvoor. Xander had ook die ervaring: de randvoorwaarden voor zijn onderzoek waren niet op orde, de data was er niet, en hoe hij dat oploste, moest hij zelf maar uitzoeken. Jacob en Meester hoorden dat vaker. “Een aantal van de promovendi die we spraken had bijvoorbeeld onbruikbare resultaten. Uit het onderzoek kwam niet het gehoopte verband. Op zich is dat ook nuttige kennis voor de wetenschap, maar het is minder goed te publiceren”, vertelt Jacob, “en in sommige disciplines zijn ze vrij streng over hoeveel artikelen je moet publiceren om te kunnen promoveren.”  

Ook kwam het voor dat begeleiders er niet voor openstonden om onderzoek anders vorm te geven als de gehoopte resultaten uitbleven, waardoor promovendi niet verder konden. Of begeleiders waren het onderling niet eens. Dan zei de een “je moet A doen” en de ander zei “je moet B doen”. “Als die begeleiders niet dichter bij elkaar komen, kan een promovendus hierdoor helemaal vast komen te zitten”, zegt Meester. 

Schuldgevoelens 

Het besluit om te stoppen met een promotietraject nemen promovendi niet licht. Er gaan maanden van gepieker, stress en eenzaam geworstel aan vooraf. “Promoveren is niet zomaar een baan”, zegt Jacob. “Het is een deel van iemands identiteit. Promovendi zijn enorm betrokken bij hun werk en ze voelen zich heel verantwoordelijk voor hun onderzoek. Ze zijn bezorgd dat het onderzoek stil komt te liggen als zij stoppen.” 

‘Promoveren is een deel van iemands identiteit’

Ook Xander had last van schuldgevoel toen hij besloot te stoppen. Zijn zelfvertrouwen liep een behoorlijke deuk op. Een psycholoog hielp hem inzien dat het wel de juiste keuze was geweest. Het duurde een aantal maanden voordat Xander überhaupt weer genoeg energie had om te solliciteren. Met de wetenschap was hij voorlopig wel klaar. Hij solliciteerde op banen in het bedrijfsleven, totdat er een vacaturetekst voorbijkwam voor een promotieplek die hem toch weer enthousiast maakte. Het onderzoek leek goed bij hem te passen met genoeg ruimte voor eigen inbreng, vertelt hij. Hij schreef een brief en het klikte. Sinds kort werkt hij weer als promovendus bij een andere universiteit. De communicatie met zijn huidige begeleiders gaat een stuk soepeler: als Xander niet verder komt, kan hij dat met hen bespreken. Langzaam krijgt hij zijn zelfvertrouwen terug. “Hoewel ik nog steeds kan schrikken als iets even tegenzit. Rationeel weet ik dat tegenslag hoort bij onderzoek doen, maar emotioneel heeft die ervaring op mijn vorige werk er best diep ingehakt en voel ik me soms nog steeds onzeker.” 

De naam Xander is gefingeerd. De echte naam en identiteit van de gestopte promovendus zijn bekend bij de redactie. 

‘Onbruikbare resultaten zijn nuttig voor de wetenschap, maar minder goed te publiceren’ 

Reageren?

Dat is alleen mogelijk met een e-mailadres dat is verbonden aan de VU. Reacties worden gepubliceerd met voornaam of initiaal en achternaam. Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. Reacties met url’s erin worden vaak aangezien voor spam en dan verwijderd. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd en delen we niet met derden. We gebruiken het alleen als we contact met je zouden willen opnemen over je reactie. Zie ook ons privacybeleid.

Velden met een * zijn verplicht