We zouden deze hele pagina kunnen vullen met alleen je cv. Waar komt die enorme drive vandaan?
“Ik kan slecht tegen onrechtvaardigheid: ik geloof dat het mij zal lukken om verschil te maken. Professoren op de VU begrijpen het niet, die zeggen dat ik één doel moet kiezen of me moet focussen op mijn studie. Medestudenten nemen me niet serieus. Maar ik ben een doener en krijg er nooit genoeg van.”
De situatie in Birma/Myanmar
Birma was sinds 1962 een militaire dictatuur en is dit nu wederom. Tussen 2010 en 2021 was er hoop op verbetering en opende het land zich onder leiding van de democratisch gekozen Aung San Suu Kyi. Maar in 2021 pleegde het leger een staatsgreep en Suu Kyi werd gevangengezet. Er is sprake van ernstige mensenrechtenschendingen, miljoenen ontheemden en een diepe humanitaire crisis. Toch blijven jongeren massaal demonstreren, met gevaar voor eigen leven.
Met welke projecten ben je nu het meest bezig?
“Mensenrechten zijn de gemene deler. Ik vertrek binnenkort naar Jakarta om daar audits en interviews te doen bij fabrieken waar Nederlandse bedrijven hun producten laten maken. Werken er geen kinderen en geen hoogzwangeren, zijn de omstandigheden veilig? Daarna ga ik naar Thailand, waar ik research doe voor een onderneming die ik wil opzetten. Want ik ben absoluut niet tegen geld verdienen: geld heeft macht en is onmisbaar als je iets goeds wilt doen voor de wereld. Zo investeer ik als angel investor in vrouwelijke ondernemers. Daarnaast ben ik mijn masterscriptie aan het schrijven, over moderne slavernij. En ik blijf me hard maken voor Birma.”
Maar ook in jouw dag zit maar 24 uur. Hoe maak je voor al deze dingen tijd?
“Ik heb strakke doelen, dat maakt dat ik kan focussen. Ik wil heel veel – over een paar jaar ook een gezin – en dat kan niet allemaal tegelijk. Gelukkig kan ik ook steeds meer rust nemen. Vroeger vond ik dat alles nú moest gebeuren en daardoor werd ik telkens ziek. Nu durf ik nee te zeggen en loyaal te blijven aan mezelf.”
Je noemde Birma al even. Welke rol speelt dat land in je leven?
“Het is ergens mijn thuis, ik ken de talen, de geschiedenis, de verhalen, de cultuur. Ik voel me enorm verbonden met Birma. En toch ben ik er nog nooit geweest, want er is mij het recht ontnomen om mijn eigen land te zien. Mijn stichting, waarbij ook Aung San Suu Kyi (zie kader, red.) betrokken was, liet jonge Birmezen oefenen met democratie, zodat er na de verkiezingen goede leiders zouden zijn. Maar toen kwam de coup van 2021 en bleef het land een dictatuur, zoals het al generaties is. Veel vrienden en familie van mij belandden in de gevangenis. Vanuit Nederland probeer ik te doen wat ik kan. Voor Birmese studenten in het buitenland die worden opgepakt zodra ze terugkeren naar Birma. Maar bijvoorbeeld ook voor mensen die na een fabrieksongeval zonder papieren op straat belanden. Daarvoor ga ik nachten door.”
De situatie in Birma is enorm schrijnend. Wat doet het mentaal met je om er zoveel mee bezig te zijn?
“Het zijn intense projecten en als ik een fout maak, kunnen mensen doodgaan. Een vriendin van me kreeg de organen van haar vader terug in een plastic tas, verder was er niets van hem over. Daarvan ben ik dagen kapot en dat is oké, want ik ben geen robot. Soms kan ik er ’s nachts niet van slapen en als dat wel lukt, heb ik vaak nachtmerries en word ik huilend wakker. Dat hoort erbij en ik leer er steeds beter mee omgaan. Onze samenleving wil dat we ons altijd goed voelen, maar er is zoveel duisternis. We moeten uit onze comfortzone om licht te brengen.”
Wat zie je als je ultieme einddoel?
“We zijn er nog lang niet, maar ik beschouw alles wat ik doe als mijn levenswerk. Ik hoop dat ik het aan nieuwe generaties kan doorgeven en dat zij ooit het fruit eten dat ik nu plant. Vergelijk het met stemrecht voor vrouwen: die strijd heb ik niet gevoerd, maar ik profiteer er wel van. Het gaat om wat je achterlaat. Als ik oma ben en op mijn sterfbed lig, hoop ik enige impact te hebben gemaakt.”