En hop, daar gaat een groot bierglas om, over een iPad van de VU en het Alzheimercentrum Amsterdam. Het is druk op zondag 23 augustus in de Digital Dementia Experiment-container. Bezoekers bekijken presentaties over dementie. Proefpersonen vullen vragenlijsten in. Soms nog met het drankje in de hand dat ze net na het concert van Sophie Straat scoorden. “Shit! Ik kan geen twee dingen tegelijk!” Dit onderzoek naar ‘chaosbestendigheid’ is al begonnen voor het echt gestart is. De iPad wordt afgedroogd en de groep kan naar binnen.

In een huiskamersetting doen ze een geheugentest. Met een koptelefoon op. Niet omdat je dan de herrie vanaf het Alphapodium minder hoort. Integendeel: een aantal deelnemers krijgt er geluiden bij. Een deurbel, Gerrit Hiemstra die iets over het weer zegt maar zijn zin niet afmaakt, blaffende honden. Proefpersoon 6 (onder de schemerlamp) zit desondanks vrij geconcentreerd te werken. Hij moet kastelen voorzien van de juiste naam. Er komen steeds meer plaatjes bij, en namen, en daar is Gerrit alweer.
Hier wordt van alles tegelijk onderzocht, maar vooral de vraag hoe betrouwbaar geheugentests zijn als je ze door mensen thuis laat doen. Dat is minder belastend voor patiënten, maar betekent ook controleverlies voor onderzoekers. In hoeverre dat een knelpunt is? Daar horen we vast snel meer over, zeker nu dit weekend meer dan 450 proefpersonen meededen. Nummer 6 scoorde uitstekend. Zijn geheugen kreeg 104,8 punten. En hij weet nu ook weer alles over historische kastelen het Alhambra en Hohenzollern.

Een paar deuren verderop is hoogleraar mediapsychologie Elly Konijn de enthousiaste leider van een wetenschappelijk team van twaalf mensen en een heel legertje sociale robots. Speciaal voor het festival ontwierpen ze een adventure game. In ClueBots gaan bezoekers met hun digitale gesprekspartners op zoek naar een mysterieuze code. In een klein doolhof kom je langs negen festivalruimtes, van de bar tot een dj booth en een lost & found. Met levensechte decors. “De posters zijn genaaid door de vrouw van George van de Repro VU print services”, vertelt Konijn. Zelf is ze af en aan gereden naar de bouwmarkt en de kringloopwinkel, smeert ze de broodjes voor het team en werft ze proefpersonen op het LL Science-terrein.
Elke deelnemer doet, voor hij of zij aan ClueBots begint, een alcoholtest. “Zo weten we wat de invloed van eventuele promillages is.” Wat onder meer wordt onderzocht, is hoe we communiceren met pratende machines. Wie het prettig vindt als een robot menselijke trekken heeft, en een emotionele band met je aangaat, en voor wie dat juist ongemakkelijk voelt. Dus zijn er wat traditionele, houterige types bij, maar ook robots met een levensecht gezicht en zeer expressieve exemplaren. Sommige zetten hun lichaam in bij de interactie, andere hébben niet eens een lichaam. En allemaal spreken ze anders – net mensen, eigenlijk. “Inzicht in hoe deelnemers hierop reageren kan enorm helpen in hoe je vervolgstudies gaat indelen”, vertelt Konijn. “Dat is cruciaal, omdat robots steeds belangrijker worden in de dagelijkse dienstverlening.”
Promovendus Roma de la Torre y Rivas doet normaal gesproken onderzoek op basisscholen. Op Lowlands laat ze robot NAO een spel leiden met bierviltjes. “Hier komen mensen die helemaal niks van AI weten, maar ook geïnteresseerden die er al aardig in zitten. En mensen die vooral sceptisch zijn. Het is heel waardevol voor ons om de uiteenlopende individuele reacties te zien als ze in gesprek gaan met een robot. Net als bij de schoolkinderen verschillen de ervaringen van deelnemers enorm.”

Dat kan ook gezegd worden over de container met de Stress Roulette. Hier krijgen vrijwilligers de kans om even te shinen op Lowlands. Er is een minipodium en een aandachtig publiek. Een goed moment om je presentatieskills te testen. Echter, het rouletterad bepaalt waarover je precies gaat praten. Wat dat aan spanning oplevert, meet een team onder leiding van biologisch psycholoog Martin Gevonden (op de rechterfoto). “Wij onderzoeken stressregulatie. Het leuke is dat we hier een doelgroep treffen die het normaal gesproken te druk heeft om aan experimenten mee te doen. Hier hebben ze tijd genoeg. Werkelijk iedereen is écht gemotiveerd.”
Terwijl de proefpersonen spreken, wordt hun hartslag en ademhaling gemeten. Die verschijnen ook in beeld, dus zowel de ‘artiest’ als het publiek kunnen alles live volgen.
Als Eva (linkerfoto) de microfoon krijgt, gaat haar hartslag meteen van 103 naar 145. Haar onderwerp: specifieke karaokehits. Ze tikt de 148 aan, maar lijkt rustiger te worden wanneer ze een stukje ABBA zingt (!) en op 110 uitkomt. Als ze haar aversie tegen Bohemian Rhapsody kan ventileren, komt ze uit op een keurige 67.
“Wat ik waardevol vind, is dat dit onderzoek ook iets vertelt over hoeveel stress presenteren oplevert”, vertelt ze naderhand. “Onderwijsinstellingen gaan er vaak vanuit dat je dat zomaar doet, als student, terwijl het echt intens kan zijn.” Haar vriend Levi vult aan: “Toen ik net meedeed, zag ik dat mijn adem en hart gaandeweg tot rust kwamen. Dat gaat me helpen als ik weer zoiets moet doen. Ik weet nu dat het, ook als je met een bonkend hart staat te zweten, goed komt. Misschien moet de Stress Roulette zélf wel worden ingezet als lesmethode.”