De OR en de USR voelen zich door de VU in het ootje genomen met het zogenoemde toetsingskader internationale samenwerking. Dat werd twee jaar geleden opgesteld om samenwerkingen met instituten in het buitenland langs een ethische meetlat te leggen. Maar het is beide raden, (samen de Gezamenlijke Vergadering, ofwel GV) onduidelijk of en hoe het toetsingskader werkt.
“De vorige USR waarschuwde ons al dat onderzoek naar het toetsingskader door het CvB wordt tegengewerkt”, zei een USR-lid. “Maar we moeten ons niet laten ontmoedigen.”
Te vaag en te breed
Een OR-lid heeft zelf onderzoek gedaan door de contactpersonen voor het toetsingskader op elke faculteit te benaderen. Volgens hem ontkenden sommigen dat ze die rol hadden, anderen waren al een halfjaar geen contactpersoon meer. Daarnaast heeft elke faculteit volgens hem haar eigen beleid ten aanzien van het toetsingskader en komt het erop neer dat er “niks gebeurt”, ook al omdat het niet verplicht is om een project te laten toetsen.
Het is allemaal te vaag en te breed ingestoken, constateerde hij, terwijl de aanleiding voor het toetsingskader de discussie rond een academische boycot van Israël was. Nu staan er meer dan 50 landen op een lijst van potentiële mensenrechtenschenders en dat is volgens hem te veel. Een ander OR-lid vond juist dat er nog een land op de lijst ontbreekt: de VS.
Doxing
Ook de USR wil duidelijkheid. De toegezegde evaluatie van het toetsingskader is er na anderhalf jaar nog steeds niet. Alleen een pilot waarbij vier projecten werden getoetst, is geëvalueerd. Hoewel het toetsingskader vanaf het begin een ‘levend document’ werd genoemd, waarover de hele VU-gemeenschap iets te zeggen zou hebben, wordt elk gesprek erover volgens de GV ontweken. In een zogenoemd oplegformulier brengt de USR het daarom in klare taal terug tot de kern: hoeveel samenwerkingen zijn er met Israël, hoeveel zijn er beëindigd en hoeveel zijn er bijgekomen?
Een OR-lid merkte op dat het college van bestuur (CvB) dergelijke vragen weigert te beantwoorden uit angst voor “doxing” [het openbaar maken van persoonsgegevens, red.] van personen die betrokken zijn bij zulke samenwerkingen. “Wij zijn niet geïnteresseerd in individuen, alleen in projecten”, pareerde een USR-lid.
Aanvallende toon
Er heerste cynisme tijdens de behandeling van dit agendapunt, maar ook strijdbaarheid. De GV is niet van zins zich met een kluitje in het riet te laten sturen. Er was wat discussie over de toon tegen het CvB; iemand opperde dat die “niet te aanvallend” moest zijn, maar in grote lijnen lijkt iedereen het erover eens te zijn dat de VU het toetsingskader serieuzer moet nemen dan ze nu doet.