Popup-Niks-missen-2.png

VERHALEN

Personeel 23 december 2022

Fred Wolff: de man die de VU 51 jaar trouw bleef

reacties 1
Beheertechnicus Fred Wolff richtte op de VU een illegale kroeg op, ontmoette er zijn vrouw Désirée en was er als niet-wetenschapper zelfs een keer paranimf. Na 51 jaar zit zijn dienstverband erop.
DOOR Bryce Benda BEELD Yvonne Compier

We spreken voor het interview af in het domein van Fred Wolff (68): de begane grond van de D-vleugel in het W&N-gebouw, waar de ondersteuning huist voor Levens- en Aardwetenschappen. In een lege kamer ploffen we neer op twee antieke leunstoelen, uitkijkend op het campusplein. Wolff oogt wat gespannen – hij is niet het type dat graag in de spotlight staat. Maar zodra hij met Noord-Hollands accent over zijn avonturen op de VU begint te vertellen, verschijnt er een twinkeling in zijn ogen en ontspant hij zienderogen.

“Nadat ik de lagere technische school, de lts, had afgerond, belandde ik op mijn zestiende op de VU”, zegt Wolff. “Na een onafgeronde bedrijfsopleiding metaal- en elektrotechnische industrie verhuisde ik intern van de instrumentenmakerij naar het instrumentenonderhoud, waar ik de opleiding alsnog heb afgerond. Ik volgde daarnaast in de avonduren de middelbare technische school, die ik na vijf jaar haalde. Vanaf dat moment kreeg ik wat meer vrijheid hier en ben ik buiten het werkgebeuren mezelf een beetje gaan ontdekken.”

Illegale kroeg

Die zelfontdekking ging bij Wolff vaak gepaard met bier. Zo werd hij lid van Herenbier, een groep van mannen die speciaalbierproeverijen houden. Belangrijker nog: hij stond  aan de wieg van de legendarische en tevens illegale kroeg De Stelling. Die ontstond naar eigen zeggen omdat er buiten de medische faculteit nergens op de VU een tapbiertje te krijgen was. “Dat vond ik, samen met wat anderen, best gek. Na lang en tevergeefs wachten op een kroeg hebben wij toen bij instrumentenonderhoud van oude spullen een bar in elkaar geknutseld. De benodigde tapkraan inclusief koelspiraal wisten we bij Heineken te regelen. We zijn in de kelder in een verlaten ruimte begonnen. Om de bar uit het zicht te houden, zetten we een stelling voor de deur waar je omheen moest. Achter de stelling dus, wat verbasterde tot De Stelling.”

Instrumentenman
Sinds mensenheugenis is Fred Wolff verantwoordelijk voor alle instrumenten van Aard- en Levenswetenschappen. Hij onderhoudt de apparaten en repareert ze waar mogelijk. Daarnaast ondersteunt hij de onderwijspractica, van het klaarzetten van spullen tot het schoonmaken van de labzalen. Na zijn pensioen in 2020 is hij nog twee jaar beheerder van het veldwerkmagazijn van de opleiding aardwetenschappen.

Omdat sluiting door de VU op de loer lag kwam een collega van Wolff met een plan. “Iedere week nodigden we twee hoogleraren uit, van wie bekend was dat ze wel een biertje lusten. Dat breidde zich steeds verder uit, waardoor we de nodige ruggensteun van prominenten kregen.” Ondertussen werd de kroeg steeds bekender onder medewerkers en studenten. Op een gegeven moment werd het zo druk dat mensen op de gang stonden. “Dat liep wel een beetje uit de hand. Zo is het weleens voorgekomen dat een ijverige onderzoeker met een dienblad vol potjes over de gang liep en dat een borrelaar per ongeluk tegen die onderzoeker aanbotste. Die onderzoeker was zacht gezegd niet blij.”

Uiteindelijk werd de bar uit de illegaliteit gehaald en kwam het op de huidige plek in het W&N-gebouw (D-103). De Stelling was plots legaal en werd zodoende omgedoopt tot De Tegenstelling. “Ik ben er toen langzamerhand uitgestapt. Tegenwoordig valt De Tegenstelling onder studievereniging Gyrinus Natans, wat misschien wel goed is. Het runnen van de bar ging namelijk deels in de baas z’n tijd, dat werd op een gegeven moment wel een dingetje.”

‘Als lts’er moet je er hard voor werken om een beetje op niveau mee te kunnen praten’

Gevraagd als paranimf

Het ontstaansverhaal van De Stelling tekent Wolffs karakter: niet lullen maar poetsen. Als hij er bijvoorbeeld achterkomt dat de oven bij Gyrinus al twee maanden niet werkt, onderneemt hij direct actie: oven weghalen en kijken of die te repareren is. “Meteen handelen, en niet gaan overleggen wanneer we dat gaan doen, of we het wel gaan doen en waarom we het eigenlijk zouden doen. Er wordt al genoeg geluld, haha”, omschrijft Wolff treffend het manco van sommige collega’s. 

Dat Wolff desondanks goed overweg kan met wetenschappers, blijkt uit het feit dat een onderzoeker hem als paranimf vroeg bij zijn verdediging. “Ik zat toen nog bij de instrumentenmakerij en werkte veel samen met deze wetenschapper, ik maakte instrumenten voor zijn onderzoek. Het was heel speciaal om gevraagd te worden als paranimf. Als lts’er kom je uit een totaal andere wereld dan iemand met een gymnasiumopleiding, je moet er hard voor werken om een beetje op niveau mee te kunnen praten. Maar dat is in die 51 jaar toch wel redelijk gelukt”, lacht Wolff. 

Fred Wolff tijdens zijn afscheidsreceptie (foto: Yvonne Compier)

Vrijheid op het werk

Was er nooit de behoefte om iets anders te gaan doen? “Die neiging was er weleens, al was die nooit sterk genoeg”, zegt Wolff. Toch zorgde een aantal reorganisaties voor de nodige dips. “Dan dacht ik weleens: wat doe ik hier eigenlijk, ik wil weg. Die reorganisaties hadden twee kanten: je kreeg nieuwe collega’s en had nieuwe uitdagingen, maar het was ook stressvol, want je moest je plekkie weer veroveren. Bij sommige reorganisaties verhuisden we als afdeling fysiek, waarbij ik steeds weer moest uitzoeken waar ik wel en niet verantwoordelijk voor was.”

Ook al heeft hij er naar eigen zeggen weinig gebruik van gemaakt, toch is de vrijheid op de VU de reden dat Wolff er gebleven is. “Ik ben een beetje vergroeid met de plek. Als ik hier ben, voel ik me thuis, bijna meer dan in mijn eigen huis. De verantwoording is denk ik ook anders: alles wat ik thuis niet doe, daar voel ik me verantwoordelijk voor. Terwijl het hier niet mijn verantwoordelijkheid is, maar ik het toch oppak. Ik denk vaak: het moet gewoon even gebeuren.” Plots springt Wolff op en begint enthousiast op het raam te bonzen. “Dat zijn mijn jongere collega’s”, zegt hij terwijl hij lachend naar een drietal wijst dat met een container langs het raam loopt.

‘Ik ben wel een beetje bang dat ik geen verhalen van anderen meer hoor’

Zwart gat

We vervolgen het gesprek en al snel komt het beruchte zwarte gat ter sprake. Dat vreest hij wel, geeft Wolff eerlijk toe. “Ik heb altijd het idee gehad: je moet mij niet loslaten, want ik weet niet of ik dan met mijn vrijheid om kan gaan. En om nou heel sterk te zeggen dat ik een hobby heb… Tja, ik kijk te veel tv, haha.” Na wat doorvragen komt Wolff toch met een breed scala aan activiteiten op de proppen. “Ik heb al heel lang een collega met een zeilboot, met hem zeilde ik vroeger veel. Misschien ga ik dat toch maar weer oppakken. Verder hou ik ervan om in de natuur te lopen en vogels te fotograferen, dat kan ik ook vaker doen. En heel vaag zit in mijn hoofd om het Pieterpad te gaan lopen. Verder ben ik sinds twee maanden opa, dus daar ligt misschien nog wel een taak als oppas. En mijn zoon heeft een nieuw huis gekocht, daar valt vast wat te klussen. Mijn vrouw – die ik lang geleden op de VU heb ontmoet – moet nog vijf jaar werken, maar wellicht kan die eerder met pensioen. Wij hebben vroeger trouwens nog in Ad Valvas gestaan als VU-koppel!”

Linksom of rechtsom, Wolff gaat de VU hoe dan ook missen. “Je gaat toch naar regelmaat zoeken, naar een plek waar je je thuis voelt, waar je met mensen kunt praten en af en toe een gek verhaal hoort. Daar ben ik wel een beetje bang voor, dat ik geen verhalen meer hoor van anderen.” Toch staat de deur naar de VU nog op een kier. “Mijn opvolger vindt het fijn dat als hij op vakantie gaat er wel iemand op de afdeling is. Ik heb me aangeboden, dus wie weet ben ik af en toe nog op de VU te vinden.”
 

{ Lees de 1  reacties}

comment_node_verhalen

Door Ben Appelmelk op 06 januari 2023
Bese Fred, Ik heb jou denk ik in 1972 leren kennen. Ik deed stage biochemie Jij was aankomend technicus. Jij droeg meestal een blauwe sweater en je had een klein snorretje. Ik denk dat we elkaar ook tegenkwamen als er wat stuk ging bij de practica biochemie waar ik assistent was. Ik vond je erg vriendelijk en opa zijn is leuk. Veel plezier en groeten van Ben Appelmelk. Ik ben eveneens tot aan mijn pensioen altijd aan vu en vumc verbonden gebleven.

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.