Onafhankelijke journalistiek over de Vrije Universiteit Amsterdam | Sinds 1953
15 februari 2026

Campus
& Cultuur

‘Als ik iets niet weet, zeg ik dat gewoon’

HRM-docent Kilian Wawoe is onbetaald visiting professor in Kiev, was partijvoorzitter van Nieuw Sociaal Contract (NSC) en is naar eigen zeggen altijd aan het werk. Alles voor de maatschappij.

U kreeg een ereprofessoraatschap aan de Taras Shevchenko universiteit in Kiev. Verschilt het college geven daar erg van de VU? “Het is een totaal andere cultuur. In Nederland zijn we veel informeler. Studenten mogen me hier bij m’n voornaam noemen. En als ik iets niet weet, dan zeg ik dat gewoon. In Nederland wordt het aangeven van de grenzen van je kennis gezien als kracht. In Oekraïne vinden ze dat raar. Als je iets niet weet, dan zeg je gewoon maar iets.”  

“En om nog iets te noemen: ik had ‘s ochtends een promotie voordat ik les moest geven. De promovendus maakt dan een hele tafel met eten voor alle docenten. En met wodka. Ik heb dat drie keer afgeslagen totdat ik doorhad dat dat gewoon niet kon. Dan sta je daarna wel om 10 uur les te geven met een glas wodka op.”  

Hoe kwam u in Kiev terecht? “Ik vloog vaak naar Georgië via Oekraïne, dat was de goedkoopste vlucht. Een bekende van mij uit Oekraïne zei: als je toch overstapt, waarom kom je niet een keer gastcollege geven in Kiev? Dat was in 2013, op het moment dat de Maidanprotesten begonnen. Dat heeft enorme indruk op me gemaakt. Het land wilde meer richting het Westen en minder richting Rusland. Toen dacht ik: ik wil een bijdrage leveren met iets waar ik verstand van hem, en dat is psychologie. Sindsdien geef ik daar elk jaar les.”  

Hoe is het om les te geven aan studenten in oorlogsgebied? “Best wel heftig. Je voelt het zodra je de grens overgaat van Oekraine. Er kan op elk moment een drone komen. Als er een stoel omvalt in het lokaal ernaast, is iedereen alert. Dat kun je een paar dagen aan, maar niet vier jaar achter elkaar. Ons stresssysteem is daar niet voor bedoeld. Ook op dit geluid [er gaat een vliegtuig over, red.] reageren ze meteen.”  

U haalde 35 Oekraïense studenten en een paar familieleden naar Nederland. Hoe gaat het met hen? “Ja, daar moet ik de VU wel voor bedanken. Ik ben ze gewoon gaan halen en heb tegen iedereen gezegd: help even. De VU heeft zich toen van haar allerbeste kant laten zien. Ik zal nooit vergeten wat een van de studenten zei toen ze net in Nederland aankwam: dit zou wel eens drie maanden kunnen duren. We zijn nu vier jaar verder, dan moet je opeens de omslag maken naar een leven opbouwen. Dat lukt niet iedereen. De meesten zijn inmiddels afgestudeerd, drie zijn getrouwd, er is een kind geboren, eentje heeft een huis gekocht, en twee meegekomen zoons zitten in de gevangenis. Ze appen me nog vaak. Voor praktische dingen: iemand kon het collegegeld niet betalen, een ander moest plotseling het huis uit, weer iemand had een advocaat nodig. Ik help dan waar ik kan. Soms is het ook heel mooi. Ik ben naar iemands dansvoorstelling gegaan, en naar iemand die in de Matthäus Passion zong.”   

U was ook partijvoorzitter van NSC, waar u de kritiek kreeg dat het beleid te top-down was. Is dat niet soms gewoon nodig? “Na de Tweede Wereldoorlog zijn er maar drie partijen succesvol opgericht: D66, de SP en de Partij voor de Dieren. De rest ligt op het kerkhof. Die partijen begonnen klein en hadden een duidelijke top-down structuur. Een politieke partij is een vereniging, maar je moet wel een koers hebben. Als er veel mensen aan het stuur trekken, werkt dat niet. Maar goed, het is ons ook niet gelukt.”  

Veranderde die periode uw kijk op de politiek? “Ik denk wel: hoe komen we hier uit? Politieke partijen werden altijd ingedeeld langs twee assen: links-rechts en waarden. Maar ik ben erachter gekomen dat er een derde as is: de rechtsstaat. Bij NSC waren we juist voor het handhaven van de rechtsstaat, maar populistische partijen als BBB en PVV zijn de rechtsstaat als een soort auto-immuunziekte gaan zien: het is bedoeld om je te beschermen, maar mensen ervaren het als iets dat hen aanvalt. Iedereen wil de rechtsstaat voor zichzelf, maar niet altijd voor de ander. Daar heb ik me echt in vergist. Ik denk steeds: ze stappen toch niet echt uit de EU, je stemt toch niet echt Forum voor Democratie? Ik zit er al 25 jaar naast.”  

Is er een gemene deler in uw verschillende werkzaamheden? “Het klinkt zo zwaar, maar ik heb me altijd willen inzetten voor de samenleving. Ik heb altijd vrijwilligerswerk gedaan: met daklozen, ik heb in de commissie van een detentiecentrum gezeten. Voor de gastcolleges word ik niet betaald, en ik ben nu een basisboek psychologie aan het schrijven voor Oekraïne, daar wil ik ook niet voor betaald worden. Ik ben heel dankbaar dat ik dat allemaal kan doen.”  

Heeft u nog vrije tijd over? “Nee. Ik ben altijd aan het werk. Ik heb wel een sociaal leven hoor, maar ik kijk nooit televisie of YouTube of wat dan ook.”  

Kunt u die drukte goed aan? “Vergeleken met alles wat ik heb meegemaakt in de politiek is het allemaal peanuts.”

‘Iedereen wil de rechtsstaat voor zichzelf, maar niet altijd voor de ander’

Reageren?

Dat is alleen mogelijk met een e-mailadres dat is verbonden aan de VU. Reacties worden gepubliceerd met voornaam of initiaal en achternaam. Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. Reacties met url’s erin worden vaak aangezien voor spam en dan verwijderd. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd en delen we niet met derden. We gebruiken het alleen als we contact met je zouden willen opnemen over je reactie. Zie ook ons privacybeleid.

Velden met een * zijn verplicht