Onafhankelijke journalistiek over de Vrije Universiteit Amsterdam | Sinds 1953
20 februari 2026

Studentenleven
& Maatschappij

Vlnr: Docent en projectleider Jorine Geertsema, geneeskundestudent Bhomika Kumar, student bestuurs- en organisatiewetenschap Lee-Lee Bakboord

Nieuwkomers doen het goed

Natuurlijk is een universiteit flink wennen voor eerstegeneratiestudenten. Ondertussen verbreden en verrijken ze het academisch leven beslist. Hoe doen zij dat?

Het was een zonnige middag toen ik, samen met mijn ouders en grootouders, als eerste van de familie een universitair diploma in ontvangst nam. Na de afstudeerceremonie gaf mijn moeder tijdens een lunch een speech: ze zei trots en met tranen in haar ogen dat ik voor het “hoogst haalbare” was gegaan. Terugkijkend op mijn studententijd ben ik vooral dankbaar dat ik de kans heb gekregen om te studeren aan de universiteit. Helaas voelde ik me, zoals veel eerstegeneratiestudenten, wel onzeker: hoor ik hier wel, ben ik slim genoeg, kan ik dit wel? Nu voel ik ook juist de meerwaarde dat ik niet uit een academisch nest kom. Mijn ouders hebben mij geleerd dat intelligentie niet alleen uit de boeken komt, om ondernemend te zijn, en om mensen niet te beoordelen op hun achtergrond.  

Mijn verhaal staat niet op zichzelf. Elk jaar is er een grote groep studenten die als eerste van hun familie naar de universiteit gaat: in studiejaar 2022/2023 was dat 18 procent van de studenten. Aan de VU is dat zelfs één op de drie. Dat is geen toeval.  

De Vrije Universiteit werd in 1880 opgericht door Abraham Kuyper om academisch onderwijs toegankelijker te maken voor de protestants-christelijke gemeenschap, opdat ze op die manier kon emanciperen. Emancipatoir denken hoort sindsdien bij de identiteit van de VU. Zij plukt hier nu de vruchten van: ze is de meest diverse universiteit van Nederland.  

Alles zelf uitvinden 

Eerstegeneratiestudenten krijgen te maken met nieuwe subculturen en mogelijkheden. Maar er ligt geen uitgestippeld pad voor ze klaar: ze moeten alles zelf uitvinden. Het is bekend dat ze tegen specifieke drempels oplopen. Ze kennen het academische onderwijssysteem minder goed en voelen ze zich soms een imposter. Ook kan er een loyaliteitsconflict ontstaan met het thuisfront dat de academische wereld helemaal niet kent. Tegelijkertijd hebben deze studenten een unieke positie. Ze staan in twee werelden: de academische en de ‘gewone’. Hoe kunnen eerstegeneratiestudenten in hun kracht staan? En wat hebben zij vanuit hun positie juist te bieden aan de academische wereld en de maatschappij?  

Meerwaarde voor de gemeenschap 

Maurice Crul, VU-hoogleraar onderwijs en diversiteit, was zelf ooit ook eerstegeneratiestudent: “Studeren werd thuis belangrijk gevonden, maar je moest wel met je beide voeten op de grond blijven staan; er waren veel familieleden die niet gestudeerd hadden.’’ Hij zag hoe anderen niet dezelfde kansen als hij kregen en werd zich bewust van zijn privilege.  

Crul vindt het belangrijk dat eerstegeneratiestudenten in contact blijven met hun achtergrond: “Ik denk dat velen denken dat ze iemand anders moeten worden omdat zijzelf niet uit een academisch milieu komen. Maar het is juist heel belangrijk om jezelf te blijven en altijd goed contact te houden met de wereld waar je vandaan komt. Niet het contact te verliezen met je familie. Dat is ook een meerwaarde voor de universitaire gemeenschap.’’  

Blijf in contact met je familie’ 

Jorine Geertsema, VU-docent en projectleider bij Stay Prepared: een programma voor eerstegeneratiestudenten, was zelf ook de eerste van haar familie die ging studeren: “Ik denk dat velen zich bij hun eigen familie niet helemaal thuis voelen met hun nieuwe universiteitsidentiteit. Er moet meer begrip komen vanuit beide situaties: zowel vanuit de universiteit als de gezinnen. Ik zou het heel leuk vinden als je bijvoorbeeld je ouders kunt meenemen naar de universiteit.’’  

Arbeidsperspectief 

Eerstegeneratiestudent Lee-Lee Bakboord (19), bestuurs- en organisatiewetenschap, komt wel vooroordelen tegen: “Men denkt te vaak hoe hoger opgeleid iemand is, hoe interessanter en slimmer die is. Dat vind ik niet gepast. Ik vind dat mensen de verschillen in het onderwijs moeten respecteren en waarderen. Je hebt gewoon diverse vormen van onderwijs. En bij de een past het een beter dan bij de ander.’’  

Tijdens het kiezen van een studie vonden mijn ouders de baankansen van een studie belangrijk. Als eerstegeneratiestudent zag ik mijn universitaire opleiding minder als een route naar een carrière, maar meer als een weg naar zelfontwikkeling en verrijking.  

De ouders van docent Geertsema vonden het arbeidsperspectief van haar studie ook belangrijk: “Mijn studiekeuze heb ik deels laten beïnvloeden door mijn ouders. Toen ik het er even over had om Frans te gaan studeren, vroegen mijn ouders: wat ga je daarmee worden? Is dat nou wel een goed idee?’ Op basis van zulke reacties maak je toch andere beslissingen.” 

De eerstegeneratiestudenten die ik sprak, lijken zich ook anders tot werk en studie te verhouden dan hun ouders. Bhomika Kumar (18), bachelor geneeskunde. Haar ouders, die uit India zijn geëmigreerd, zeiden tegen haar: Doe wat je wilt, we zijn hier gekomen met een reden. Dus als jij onderzoek wilt doen of als jij een lange studie, zoals geneeskunde, wilt doen, zullen we je steunen. Toch merkt Kumar dat haar ouders het belangrijk vinden dat hun kinderen iets doen dat werkzekerheid biedt. Waar haar ouders zich richten op financieel rondkomen, wil Kumar vooral zoveel mogelijk kennis vergaren. 

Shirley* (30), master bestuurskunde, citeert haar vader: “Ik leef niet om te werken, maar ik werk om te leven.” Zelf hoopt ze haar werk en persoonlijke interesses samen te voegen: “Ik hoop dat ik iets kan doen waar ik ook heel veel energie uithaal. Ik denk dat dat echt de rijkdom is in het leven. Ik ben pas op mijn 25ste gaan studeren. Eerst werkte ik in de horeca en op een gegeven moment was ik dat zat en toen wilde ik iets gaan doen wat ik echt heel leuk vind.”  

Verbinding voelen en netwerken 

De term eerstegeneratiestudenten kende ik niet totdat ik tijdens mijn master hierover een artikel las in het opinieblad De Groene Amsterdammer. Dit bewustzijn kan je wel helpen, want het feit dat je dezelfde capaciteiten en diploma’s hebt, betekent nog niet automatisch dat je je thuis voelt in een academische omgeving.   

Halleh Ghorashi, VU-hoogleraar diversiteit en integratie, deed onderzoek naar eerstegeneratiestudenten. “Als je verder wilt komen in een nieuwe omgeving, zoals de universiteit, moet je de culturele codes kennen en spreken. Als je bijvoorbeeld eerstegeneratiestudent bent, kun je je minder thuis voelen in netwerken waarin jij buiten de norm valt.” Daarom adviseert Ghorashi studenten om netwerken op te zoeken waarin je je wél thuis voelt en die je op waarde schatten. Dan kun je genoeg zelfvertrouwen opbouwen dat nodig is voor goede samenwerking binnen dominante netwerken.  

Je moet de culturele codes kennen en spreken 

Student Bakboord mist wel een netwerk. Ze vindt het ook jammer dat ze niet zo snel met een familielid ervaringen van de universiteit kan uitwisselen: “Dat ik aan mijn familie dan zou kunnen vragen: hoe was dat voor jou, hoe heb jij dat ervaren?”  

VU-docent Geertsema wil vanuit Stay Prepared werken aan een netwerk van eerstegeneratiestudenten, zodat er rolmodellen zichtbaar zijn: “Er zijn veel meer mensen zoals zij. Ik denk dat het een gevoel van verbondenheid met elkaar en met de universiteit kan creëren.’’ 

Geen achterstand maar kracht 

Misschien voelt een eerstegeneratiestudent dat hij een achterstand heeft, maar zijn/haar achtergrond geeft juist een kracht: je kunt een bruggenbouwer zijn tussen de ‘gewone’ en de academische wereld. Volgens hoogleraar Crul vergroten en verrijken eerstegeneratiestudenten de diversiteit aan perspectieven op de universiteit: “Ze volgen vaak een alternatieve route, soms hebben ze ook al gewerkt, of werken ze naast hun studie. Daarnaast kunnen ze ervaringen meenemen hoe het bijvoorbeeld is om ongelijkheid mee te maken of om op te groeien in armoede. Het onderzoek op de universiteit wordt beter wanneer de onderzoekers uit diverse groepen komen. Daarmee komt er aandacht voor ander type vraagstukken.’’  

Ook hoogleraar Ghorashi ziet dat eerstegeneratiestudenten de ivoren toren van de universiteit kunnen afzwakken. Ze kunnen academici meer in aanraking laten komen met de diversiteit in de samenleving: “Eerstegeneratiestudenten zijn bruggenbouwers.” 

Vaker streetsmart 

Student Bakboord deelt deze visie: ‘’Ik denk dat je de perspectieven van de theoretisch opgeleide meekrijgt, maar ook die van de andere kant. Je hebt een diverser wereldbeeld en daarmee een breder referentiekader.’’  

Ook masterstudent Hassan* denkt dat hij als eerstegeneratiestudent andere ervaringen meebrengt die van meerwaarde zijn. Bijvoorbeeld dat zij ook uit minder veilige wijken komen en daarmee meer ‘streetsmart’ zijn. 

Bakboord stapte over van de hbo-opleiding Social Work naar bestuurs- en organisatiewetenschap aan de VU. Ze wil een verschil maken in het beleid binnen de zorg: “Tijdens mijn stage liep ik aan tegen de manier waarop het beleid momenteel is gestructureerd binnen de zorg. Toen besefte ik dat ik een positieve bijdrage kan leveren aan dat beleid. Degene voor wie jij beleid maakt, zijn natuurlijk niet allemaal theoretisch opgeleid.” 

Hoogleraar Ghorashi constateert dat beleidsmakers te veel afstand hebben van de mensen voor wie zij beleid maken. Zij bestempelt hiermee de meerwaarde van ervaringskennis: “Als je beleid maakt, moet je de ervaringskennis van de mensen die aan tafel zitten meenemen, ook de ervaringen vanuit hun gemeenschap.’’  

Dit dubbele perspectief stelt mensen in staat om de samenleving door de ogen van de ander te bekijken. Ze hebben dan niet langer het privilege om in hun eigen bubbel te blijven. Ghorashi besluit: “Die mensen hebben potentieel de competentie om diverse werelden te begrijpen en te verbinden. Wij als universiteit hebben de mogelijkheid die potentieel te voeden en aan te wakkeren. En dat is juist de kracht die wij in de samenleving nodig hebben in tijden van polarisatie.’’ 

‘Ik zou het leuk vinden om mijn ouders mee te nemen naar de universiteit’

Reageren?

Dat is alleen mogelijk met een e-mailadres dat is verbonden aan de VU. Reacties worden gepubliceerd met voornaam of initiaal en achternaam. Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. Reacties met url’s erin worden vaak aangezien voor spam en dan verwijderd. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd en delen we niet met derden. We gebruiken het alleen als we contact met je zouden willen opnemen over je reactie. Zie ook ons privacybeleid.

Velden met een * zijn verplicht