Onafhankelijke journalistiek over de Vrije Universiteit Amsterdam | Sinds 1953
16 april 2024

Wetenschap
& Onderwijs

‘Niemand droomt van een toekomst als bedrijfsarts’

Er willen meer geneeskundestudenten specialist worden dan er plek is op de vervolgopleidingen. En dat terwijl er steeds meer zorg nodig is buiten het ziekenhuis.

Het toekomstbeeld van werken in een ziekenhuis heeft een ongekende aantrekkingskracht op geneeskundestudenten. Tv-series als Grey’s Anatomy, Scrubs en House schetsen een beeld van een superheld in een witte jas. “Er hangt een bepaalde magie omheen, alsof je een detective bent op zoek naar het goede antwoord”, zegt Ursula Klumpers, coördinator professionele ontwikkeling bij de studie geneeskunde en lid van de commissie-Toekomstbestendige structuur medisch specialistische vervolgopleidingen van de Federatie Medisch Specialisten. “Iets als ouderenzorg is minder sexy.”

En dat is terug te zien in het carrièreperspectief van beginnende geneeskundestudenten. De helft wil kinderarts worden, de andere helft chirurg. “Het huidige curriculum is vrij klinisch”, zegt Klumpers. “Studenten krijgen veel informatie over wat er in het ziekenhuis gebeurt. Maar onbekend maakt onbemind, dus we moeten ook meer aandacht geven aan gebieden als leefstijl en preventie, en de toegevoegde waarde van artsen buiten het ziekenhuis.”

Daar zijn er namelijk te weinig van. Amsterdam UMC wijdde zijn online magazine in 2020 aan extramurale zorg (buiten de muren van het ziekenhuis). Hun cijfers lieten zien dat in 2019, 63 procent van de afgestudeerde basisartsen specialist wilde worden. Slechts 3,9 procent van de afgestudeerden ambieerde een baan in de ouderengeneeskunde, terwijl dezelfde bron voorspelt dat de zorgvraag vanuit die hoek in 2037 het grootst zal zijn. Naast een hele lading boomers die tegelijk op leeftijd komt, leven mensen over het algemeen steeds langer, met alle ouderdomsziekten van dien.

Eenzijdig beeld van opleiding

De zorgvraag verandert volgens Klumpers, en daar is een ander soort zorgprofessional voor nodig. Arjan Schröder, coördinator professioneel gedrag van de bachelor geneeskunde: “Ziekenhuiszorg is heel duur, dus je ziet dat de zorg zich steeds meer verplaatst naar buiten het ziekenhuis – zoals met diabetesspreekuren bij de huisarts. Mensen hebben tegenwoordig health watches, en wanneer ze op spreekuur komen hebben ze op internet al een diagnose uitgestippeld.”

“Je hoort weinig studenten die geneeskunde gaan doen om verzekeringsarts te worden, of van jongs af aan al dromen van een toekomst als bedrijfsarts”, zegt Schröder. Om studenten toch enthousiast te maken voor die zorg buiten het ziekenhuis, zijn ze binnen de opleiding hard bezig meer aandacht aan deze beroepen te geven. “Studenten zelf vragen daar ook om, en vinden dat we als opleiding een eenzijdig beeld schetsen”, zegt vicedecaan onderwijs Christa Boer.

Capaciteitstoetsen vervangen kennistoetsen

Bij het werven van nieuwe studenten vermijden ze inmiddels traditionele foto’s met artsen in witte jassen. De opleiding heeft ook haar selectieprocedure aangepast. Zo zijn ze gestopt met kennistoetsen en overgestapt op capaciteitstoetsen. Boer: “We denken dat minderbedeelde studenten zich minder goed kunnen voorbereiden op die kennistoetsen. Uiteindelijk vinden we het belangrijker hoe studenten denken over de rol van een arts dan of ze weten hoe een hart eruitziet.”

Ook het curriculum wordt aangepast. De opleiding is bezig met een proef waarbij coassistenten niet maandenlang in een ziekenhuis meelopen, maar betrokken worden bij alle onderdelen van de zorg: van de huisarts tot het ziekenhuis tot een revalidatiecentrum. In colleges komen vaker mensen aan het woord van buiten het ziekenhuis. Boer: “Voor een college over kanker kun je ook prima een bedrijfsarts uitnodigen.” Deze tak van zorgverleners heeft wel doorgaans weinig onderwijs gegeven, en heeft het door een tekort aan personeel al druk genoeg zonder aan de lopende band voorlichting te geven, beaamt Boer.

Gevoelig voor status

Competitief, perfectionistisch, analytisch. Zo zou Klumpers de gemiddelde geneeskundestudent omschrijven. “Aan arts zijn hangt ook een bepaalde status. Geneeskundestudenten zijn daar gevoelig voor.” Toch gaven eerstejaars voor Klumpers verrassende antwoorden op een Mentimetervraag wat voor dokter ze wilden worden. In plaats van specialismen te noemen, zeiden ze dingen als: empathisch, behulpzaam, betrouwbaar, luisterend. Boer:“Gen Z [geboren tussen 1997 en 2012, red.] is zich meer bewust van maatschappelijke ontwikkelingen. Zij zien de maatschappelijke rol van dokters meer. Die beweging is niet te stoppen.”

60-urige werkweek

Klumpers ziet ook dat geneeskundestudenten steeds meer waarde hechten aan een gezonde werk-privébalans en twijfelen of een werkweek van zestig uur wel iets voor hen is. De wachttijd om aan een vervolgopleiding te kunnen beginnen is zo’n veertig maanden, zegt Klumpers. Dat werkt ontmoedigend. Schröder: “Er is een hele groep geneeskundestudenten die verdwijnt na de studie, waar ze heen gaan weten we niet.” En dat terwijl het opleiden van een geneeskundestudent de overheid ruim een ton kost.

Als ze wel doorstromen, valt een significant deel uit omdat de vervolgopleiding tot specialist geen goede werk-privébalans accommodeert. Klumpers pleit dan ook voor meer begeleiding van jonge dokters, waarin minder aandacht is voor superspecialismen en meer focus ligt op het worden van een goede generalist.

Boer wil daar ook meer aandacht aan besteden tijdens de opleiding. “Er is nu nog te veel nadruk op wat studenten willen worden, niet wat daadwerkelijk bij hen past.” Boer vermoedt dat door de studie anders aan te prijzen, ze veel meer en meer diverse studenten aan zal trekken. Maar creëert dat geen nieuw probleem, wanneer er te veel aanmeldingen voor de bachelor komen dan ze aankunnen? “Dat is wel een scenario waar ik bang voor ben, ja”, zegt Boer.

Massaal met pensioen

De geneeskundestudenten die na hun studie wel nog specialist willen worden en terechtkunnen op hun gewenste vervolgopleiding, vinden na afronding vaak geen vaste werkplek in het ziekenhuis. Klumpers wijt dat deels aan een grote groep oudere-generatie-artsen die pas over vijf of tien jaar met pensioen gaat. “Zij houden die plekken bezet, en zijn vaak wel nog bereid om zoveel te werken omdat dat altijd zo is geweest.”

Met minder focus op ziekenhuiszorg bij de werving van studenten en de ontwikkeling dat afgestudeerden zich steeds meer afvragen of het ziekenhuis wel voor hen is, dreigt er daar dan niet ook een toekomstig tekort? Boer: “Dat is moeilijk uit te rekenen. Momenteel zijn er te veel medisch specialisten, in 2040 zijn er meer artsen nodig in revalidatie en verzorgingstehuizen. We proberen die voorspellingen directe invloed te laten hebben op de invulling van de opleiding.”

De politiek betrekken

Een meer structurele verandering gaat lang duren, denkt Boer. “De vraag is hoe we beroepen buiten het ziekenhuis aantrekkelijker kunnen maken. Dan denk je al snel aan meer geld beschikbaar maken om die salarissen te verhogen. Daar zal de politiek bij betrokken moeten worden.”

En laat die nou structureel bezuinigen op de zorg. Boer: “Het probleem is ook dat zorg en onderwijs niet onder hetzelfde ministerie vallen. Die twee overleggen nauwelijks met elkaar. Die brug zal ik moeten proberen te slaan met de VU of de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra. Vanuit de VU is er wel draagkracht voor een aanpassing van het curriculum. Het blijft spannend hoe dat gaat uitpakken.”

 

Studentervaringen

————————————————————
HD (20), derdejaars bachelorstudent geneeskunde

‘Wat me tegenhoudt om specialist te worden, is het leven dat je dan leidt’ 

“Ik twijfelde tussen tandheelkunde en geneeskunde en heb uiteindelijk voor geneeskunde gekozen omdat ik een bredere baankans wilde. Specialist worden, spreekt me niet echt aan. Ik zou het best kunnen, maar wat me tegenhoudt is het leven wat je dan leidt. Uiteindelijk vind ik het belangrijker dat ik op tijd bij mijn familie thuis ben, dat ik mijn kinderen kan zien. Als ik naar mijn studiegenoten kijk, heb ik het idee dat de mensen die chirurg willen worden, minder empathisch zijn. Die willen gaan werken met mensen die niet tegen hen in kunnen gaan, dat zegt genoeg.”
HD wilde alleen initialen van naam vermeld zien.

————————————————————————-
Yassmine Derraze (21), tussenfase van bachelor naar master

‘Ik wil graag in het ziekenhuis werken’ 

“Over een jaar starten mijn coschappen en of ik me daarna ga specialiseren, moet ik nog zien. Je kiest dan eigenlijk wat je de komende vijftig jaar wil gaan doen, en dat weet ik gewoon nog niet. Ik kan nu wel zeggen dat ik chirurgie heel leuk vind, maar als ik kijk naar hoe mensen de work-life balance omschrijven, wil ik daar eerst goed over nadenken. Wel wil ik graag in het ziekenhuis werken. Ik merk dat er tijdens college steeds meer aandacht komt voor zorg buiten het ziekenhuis: artsen uit de gehandicaptenzorg, huisartsen. Maar studenten die vanaf het begin al een bepaald specialisme voor ogen hadden, wijken daar eigenlijk nooit van af. Dat kun je als opleiding niet veranderen. Toen ik vrijwilligerswerk in het ziekenhuis deed en met patiënten praatte, voelde ik ook: ik wil jullie beter maken.”

 

‘Deze generatie ziet de maatscháppelijke rol van dokters meer’

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. Reacties met url’s erin worden vaak aangezien voor spam en dan verwijderd. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Velden met een * zijn verplicht
** je e-mailadres wordt niet gepubliceerd en delen we niet met derden. We gebruiken het alleen als we contact met je zouden willen opnemen over je reactie. Zie ook ons privacybeleid.