Opleidingen steeds internationaler

NIEUWS

Britse studenten op de VU
Internationalisering  8 maart 2018

Opleidingen steeds internationaler

Op bijna tien procent van de opleidingen aan Nederlandse universiteiten en hogescholen zijn buitenlandse studenten in de meerderheid. Bij vijf procent is zelfs meer dan driekwart van de studenten internationaal, blijkt uit cijfers van Nuffic.

In februari bleek al dat het aantal buitenlandse studenten dit studiejaar opnieuw een recordaantal heeft bereikt, zowel aan de universiteiten als in het hbo. Van alle wo- en hbo-studenten in Nederland komt 12,2 procent uit het buitenland, dat komt neer op 122 duizend studenten in totaal. Bijna 90 duizend van hen volgt een volledige studie in Nederland. De rest blijft korter en komt bijvoorbeeld via het uitwisselingsprogramma Erasmus+.

Volgens cijfers van het OECD staat Nederland op nummer zes van de landen met de meeste internationale studenten, na Nieuw Zeeland, het VK, Zwitserland, Oostenrijk en Australië.

Economie trekt

Hoe is het op de VU?

> 18 procent van de studenten komt uit het buitenland.
> Bijna twee op de drie doet een volledige studie (bachelor of master), de rest een semester of uitwisselingsprogramma.
> 17 procent van de masterstudenten komt uit het buitenland en 12 procent van de bachelorstudenten.
> De School of Business and Economics trekt 17 procent van alle buitenlandse studenten, gevolgd door de faculteit Bètawetenschappen (13 procent).
> De meeste buitenlandse studenten komen uit Duitsland (4 procent van alle studenten) en daarna uit de Verenigde Staten (1,9), Verenigd Koninkrijk (1,4), China (1,4) en Italië (1,1).
> Er studeren 104 verschillende nationaliteiten aan de VU.

De universitaire opleidingen trekken meer buitenlandse studenten dan het hbo. Een kleine dertig procent van de nieuw ingeschreven universitaire masterstudenten komt uit het buitenland. Bij de bacheloropleiding is dat twintig procent. In het hbo liggen die percentages op 26,1 respectievelijk 8,4 procent.

Op universitair niveau trekken de economische opleidingen de meeste buitenlandse studenten, gevolgd door geesteswetenschappen en sociale wetenschappen. Relatief gezien is het aantal internationale studenten bij de kleine opleidingen in liberal arts en sciences het hoogst.

Ook in het hbo staan de economieopleidingen aan kop, gevolgd door engineering. Relatief gezien trekken Arts & Culture en Agriculture & Environmental Sciences de meeste buitenlandse studenten.

Numerus fixus remt

De universiteit Maastricht blijft met 58 procent buitenlandse studenten aan kop als het gaat om internationalisering. In Groningen, Amsterdam en Rotterdam groeit het aantal internationale studenten het hardst. Opleidingen met een numerus fixus trekken overigens beduidend minder studenten uit het buitenland, bij meer dan 95 procent van die opleidingen staan uitsluitend studenten uit Nederland ingeschreven. 

Duitsland is met 22,125 studenten nog steeds hofleverancier, bijna 25 procent van alle internationale studenten is Duits. Zeven jaar geleden lag dat percentage nog op veertig procent. China staat met 4.475 studenten op plek twee.

162 landen

Ongeveer een op de vier internationale studenten komt van buiten de Europese Economische Ruimte (EER). De internationale studenten komen uit 162 verschillende landen. Ze komen tegenwoordig minder vaak uit Duitsland en China en juist vaker uit andere landen.

Niet alle opleidingen zijn blij met het almaar stijgende aantal internationale studenten. Zo heeft de TU Delft in februari een stop gezet op inschrijvingen voor de opleiding technische informatica voor studenten van buiten Europa omdat de aanmeldingen veel te hard gingen. Ook elders klinkt er kritiek op het hoge aantal buitenlandse studenten, onder meer omdat Engels op steeds meer opleidingen de voertaal wordt. Uit de cijfers van het Nuffic blijkt dat drie op de vier universitaire masteropleidingen inmiddels volledig in het Engels zijn.

Zoveel voordelen

Nuffic-directeur Freddy Weima pleit voor een genuanceerde discussie en zegt dat maatwerk nodig is. “De mix van internationale en Nederlandse studenten verschilt per hogeschool en universiteit, en is afhankelijk van doel en inhoud van de opleiding. In de groene sector, die van oorsprong gericht is op export, kan de ideale samenstelling anders zijn dan in de grensregio waar meer samengewerkt wordt met buurlanden Duitsland en België.”

Weima wijst op de voordelen van buitenlandse studenten in Nederland. “Met de kennis, ervaring en netwerken die internationale studenten meebrengen uit eigen land, versterken zij de kwaliteit van het onderwijs in Nederland en kunnen álle studenten profiteren van een diverse ‘international classroom’.”

Pas op de plaats

Ook het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) ziet voordelen. De studentenorganisatie ziet de internationalisering van het hoger onderwijs als een mooie kans. Tegelijkertijd wijst de studentenorganisatie ook op de moeilijkheden. ISO-voorzitter Rhea van der Dong: “Internationalisering kan ons veel brengen, maar alleen als we het goed doen. In plaats van in een razend tempo te internationaliseren zouden universiteiten een pas op de plaats moeten maken en er goed over moeten nadenken. Pas dan hebben studenten er echt wat aan.”

De Landelijke Studentenvakbond (LSVb) is bezorgd. “Universiteiten doen er alles aan om zoveel mogelijk internationale studenten aan te trekken, maar houden geen rekening met de consequenties. We roepen de universiteiten op om een pas op de plaats te maken en hun strategie te doordenken.”

HOP/SW
hits 857

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.