NIEUWS

Wetenschap 08 januari 2018

Hangjongeren eerder crimineel in buurten met veel grafitti en hondenpoep

Van rondhangende jongeren krijg je criminaliteit, maar niet altijd en ook niet overal. Criminoloog Evelien Hoeben, die inmiddels in New York werkt, schreef er haar proefschrift over en won er de Willem Nagel-prijs mee, een driejaarlijkse prijs voor het beste criminologische proefschrift dat is verdedigd aan een Nederlandse universiteit.

Hoe werkt dat precies bij rondhangende jongeren die in crimineel gedrag vervallen?
“Hier zijn verschillende verklaringen voor. Vaak is het een kwestie van verkeerde vrienden. Als jongeren in een groepje zitten waarin criminaliteit onder bepaalde omstandigheden acceptabel wordt gevonden, gaan ze het zelf ook normaal vinden. Daarnaast biedt rondhangen gelegenheid voor criminaliteit, omdat er weinig toezicht is en de activiteit makkelijk kan worden onderbroken als er iets spannenders staat te gebeuren.”

Maar dat is ook afhankelijk van de plek waar wordt rondgehangen, blijkt uit je onderzoek.
“Inderdaad. De kans is groter dat jongeren criminaliteit gaan plegen als ze rondhangen in buurten waar weinig sociale cohesie is, of als ze rondhangen in uitgaansgelegenheden, op straat en in winkelcentra. Ik denk dat dit te maken heeft met de controle die op de jongeren wordt uitgeoefend in die locaties. Het is aannemelijk dat bewoners of winkeliers een oogje in het zeil houden. Een voorbeeld van controle in winkels is als er niet meer dan twee scholieren tegelijk worden binnengelaten.

"Jongeren hangen meestal niet in hun eigen buurt rond. Ik denk dat dit komt omdat ze uit het zicht van hun ouders en van hun eigen buren willen blijven. Dan kunnen ze hun eigen regels maken en krijgen ze een beetje het gevoel dat ze volwassener zijn dan ze eigenlijk zijn.”

Hoe ben je te werk gegaan?
Samen met andere onderzoekers heb ik achthonderd Haagse scholieren geïnterviewd en vragenlijsten laten invullen door ruim drieduizend bewoners van alle buurten in Den Haag. Ook hebben we in die buurten observaties gedaan om te kijken of er peuken op de grond lagen, of er veel hondenpoep en graffiti was. Dan zie je een verband. In buurten waar weinig sociale controle is, waar het mensen niet zoveel kan schelen dat er rommel op straat ligt, is de kans groter dat hangjongeren criminaliteit plegen.”

Over wat voor soort criminaliteit hebben we het eigenlijk?
“Vandalisme, diefstal, geweldpleging en middelengebruik.”

En als ik dan een wilde schatting doe, is die overlast in wijken als de Schilderswijk en Spoorwijk groter dan in de Vogelwijk.
“Ik mag daar niks over zeggen, omdat we ook gebruik hebben gemaakt van vertrouwelijke data van de politie en de gemeente.”

Heb je ook aanbevelingen om de problemen te verhelpen?
“Voor de hand ligt om ervoor te zorgen dat jongeren minder rondhangen…”

Door minder vrije tussenuren in te roosteren.
“Bijvoorbeeld, maar dan wel in combinatie met gesprekken met die jongeren over wat ze precies willen. Als ze van sporten houden maar geen geld hebben, zorg voor gratis sportfaciliteiten, of misschien willen ze een jeugdsoos. Jongeren forceren tot een gestructureerde activiteit kan juist averechts werken.”

Maar jongeren moeten toch ook doelloos op straat kunnen hangen op z’n tijd? Meisjes kijken en zo?
“Rondhangen valt inderdaad niet altijd samen met criminaliteit. Dat is wat je in het nieuws ziet, dat hangjongeren winkeliers belagen en voorbijgangers lastigvallen. Daarom hebben ze een slechte reputatie. Maar in veel gevallen is rondhangen gewoon gezellig. Jongeren kunnen onder elkaar zijn; muziek luisteren, kletsen. Als jongeren gaan rondhangen, betekent het niet dat ze uit zijn op rottigheid.”

Je staat nu voor de collegezaal aan een Amerikaanse universiteit, maar is de kennis die je in Nederland hebt opgedaan daar wel toepasbaar?
“Zeker wel. Mijn onderzoek is meer sociologisch dan juridisch en daardoor niet gebonden aan de Nederlandse rechtspraktijk. De processen die ervoor zorgen dat jongeren vervallen in crimineel gedrag zijn in Amerika of andere landen niet veel anders dan in Nederland. Het verband tussen rondhangen en criminaliteit is bijvoorbeeld bevestigd in studies onder jongeren uit Oost- en West-Europa, de Verenigde Staten en Latijns Amerika.”

Hoe ga je nu verder met je onderzoek?
“Ik onderzoek nu hoe jongeren elkaar beïnvloeden: wat ze precies doen of zeggen om elkaar aan te zetten tot criminaliteit Er is verschil tussen een vriend die je rechtstreeks voorstelt om ergens een paar Nikes te gaan stelen of een groepje waarbinnen jongeren stoere verhalen vertellen over crimineel gedrag dat dan cool gevonden wordt. Er is ook onderscheid tussen soorten criminaliteit. Als je omgaat met stelende vrienden, vergroot dat het risico dat jij ook gaat stelen. Andersom verkleint de kans dat je drugs gaat gebruiken aanzienlijk als je in een groep zit waar niemand dat doet.”

Ga je nu voor altijd in Amerika blijven?
“De criminologie is nog steeds sterk gefocust op de VS: veel belangrijke tijdschriften zitten daar bijvoorbeeld. Ik werk nu aan de School of Criminal Justice in Albany in New York, een van de meest vooraanstaande criminologische vakgroepen in de VS, dus ik ben goed terechtgekomen. Tegelijkertijd benauwt het idee me om van tevoren al te weten waar ik over een paar jaar werk, dus ik bekijk het per jaar. Maar voorlopig zit ik hier goed!”

Peter Breedveld

hits 30

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.