Die voorbijgangers moesten eens weten. Het was een novembernamiddag en ik wandelde naar het Postkantoor Westerstraat. In mijn rugzak bevond zich het belangrijkste papiertje dat ik in mijn korte leven heb moeten verzenden: een brief voor informateur Sybrand Buma. Dat kan kennelijk niet per mail; de man leest alleen fysieke post. Dat is toch niet te geloven, dat is echt erg.

Deze rol werd mij toebedeeld omdat de stichting waarvoor ik werk het initiatief nam tot de brief namens de voltallige mediasector (Roddelpraat niet meegerekend). De ondertekenaars waarschuwen dat techgiganten, sociale media en generatieve AI de rol van journalistiek steeds meer overnemen, wat onze betrouwbare informatievoorziening in gevaar brengt. Ze roepen de formerende partijen op tot eendrachtig media- en technologiebeleid.
Met zo’n machtig document in je Eastpak gaat het idee toch door je hoofd spoken. Wat als ik die envelop nu in de gracht werp?
Nee, serieus. Maakt het écht verschil dat zo’n velletje daadwerkelijk op Buma’s bureau terechtkomt in de dikke stapel ‘brandbrieven’ van alle andere sectoren? Garandeert dat dan politieke verandering? Of loopt de weg naar succes, zoals ik vermoed, via de media?
Twee dagen na mijn postbodeavontuur maakten we de brief wereldkundig en dat bleef niet onopgemerkt. Vele kranten schreven erover, het werd een hot topic op radio en tv, en onze directeur verscheen zelfs in het NOS Journaal. Het was niet geheel toevallig deze dag dat toekomstig premier Rob Jetten verklaarde zich “enorm” te kunnen vinden in onze brief.
Politiek aan talkshowtafels is geen afspiegeling van de werkelijkheid, het is de werkelijkheid. Dat schreef Bas Heijne toen Wilders anderhalf jaar geleden roeptoeterde dat hij Timmermans zou aanklagen. Dat hij dat in werkelijkheid niet deed, is onbelangrijk. Het beeld in de media bepaalt de perceptie van de burger, en daarmee het alom heersende beeld van wat waar is.
Neem de piratenverhalen over Buma’s oud-mede-informateur Hans Wijers. Hij zou, werd geschreven, een lijsttrekker publiekelijk hebben uitgemaakt voor leugenaar – tamelijk onhandig voor een informateur – maar al snel bleken die geruchten ongegrond. Toch was de werkelijkheid intussen al zo stevig gereconstrueerd dat Wijers geen andere mogelijkheid zag dan aftreden.
Onze mediakanalen zijn doorslaggevend voor wat wij als waarheid beschouwen. Stel je eens voor wat er gebeurt als ondoorgrondelijke buitenlandse algoritmes of zelfdenkende AI-systemen nog dominanter worden dan nu. Kranten zijn misschien niet onfeilbaar (zie de kwestie-Wijers), maar kunnen we doorgaans in ieder geval vertrouwen op hun journalistieke principes.
Mediasector stuurt brief naar informateur. Als burgers zo’n nieuwskop lezen moeten ze daarop kunnen vertrouwen. Ik heb hem de gracht dus maar bespaard.
Wijers had Yesilgöz in een groepsapp voor “feeks” uitgemaakt, dat was de belangrijkste reden dat hij opstapte. Ben je dat nu al weer vergeten, Wout?