Onder Nederlandse studiekiezers is tandheelkunde nog steeds ontzettend populair. Jaarlijks kan slechts een op de veertien kandidaten bij de opleiding van tandheelkundefaculteit Acta worden ingeloot. Tegelijkertijd groeit het aandeel buitenlandse tandartsen in Nederland. Zo komt een kwart van de werkzame tandartsen niet uit Nederland en is het aantal tandartsen dat van buiten de EU naar Nederland komt, in vijf jaar tijd verdubbeld, blijkt uit cijfers van beroepsorganisatie KNMT en Acta.
‘Te kostbaar’
De cijfers waren eerder dit jaar reden voor het Capaciteitsorgaan om onderwijsminister Rianne Letschert te adviseren om de jaarlijkse instroom landelijk met 96 opleidingsplaatsen te verhogen. Deze week bleek dat Letschert dat advies naast zich neerlegt. In een Kamerbrief informeerde ze de Tweede Kamer dat er geen extra opleidingsplekken voor tandheelkunde komen: ‘Een uitbreiding van deze opleiding is zeer kostbaar.’ Het zou gaan om zo’n 30 miljoen euro per jaar.
Acta-onderwijsdirecteur Etienne Verheijck noemt de situatie teleurstellend. “Helaas legt OCW al vele jaren het advies van een onafhankelijke commissie naast zich neer.” Aan de opleidingen ligt het in ieder geval niet. Volgens Verheijck kunnen de drie tandheelkundeopleidingen in Groningen, Nijmegen en Amsterdam de voorgestelde uitbreiding van het aantal opleidingsplaatsen aan. “Acta heeft mogelijkheden om meer studenten op te leiden.”
Mondgezondheid in gedrang
Verheijck waarschuwt voor de gevolgen van dit beleid. “Bij het uitblijven van een verhoging van het aantal opleidingsplaatsen loopt het tekort steeds verder op, terwijl de komende tien jaar veel tandartsen zullen pensioneren. Hierdoor komt de mondgezondheid in Nederland in het gedrang, zal deze ook niet voor iedereen bereikbaar zijn en zullen wachtlijsten ontstaan.”
Volgens Verheijck komt het landelijke tekort ook doordat steeds meer ouderen hun gebit houden en behandelingen complexer worden. “Denk aan implantaten, wortelkanaalbehandelingen en gebitscorrecties”, zegt hij.
Verheijck is er geen fan van om het tekort op te vullen met buitenlandse tandartsen. “Het is risicovol voor de lange termijn om erop te vertrouwen dat we voldoende tandartsen vanuit de EU of zelfs daarbuiten kunnen aantrekken. Bovendien vult het slechts een deel van het huidige tekort op. Als welvarend land zouden we ons daar niet op moeten richten en moeten we kleur bekennen.”
Meer preventie
Volgens Verheijck zijn er naast extra opleidingsplekken nog aanvullende maatregelen nodig om de grote vraag naar tandartsen aan te kunnen. Zo zou de beschikbare capaciteit efficiënter benut moeten worden, bijvoorbeeld door een betere taakverdeling tussen tandartsen, mondhygiënisten en preventieassistenten. Verheijck: “Door preventie en vroegtijdige behandeling kunnen we mondproblemen voorkomen en de behoefte aan complexe zorg beperken.”