30 september 2016

Turkije hoopt op een soort renaissance

reacties 1

Turken steken hun trots niet bepaald onder stoelen of banken. Ze zijn trots op het dorp of de stad waar ze vandaan komen (en nodigen je er meteen uit voor een familiediner), trots op hun land en trots op hun cultuur. Het eerste wat je opvalt als je hier aankomt, is de gestoorde hoeveelheid Turkse vlaggen in de stad. Sinds de couppoging kun je geen foto meer maken waar de Turkse kleuren niet prominent op staan. De bruggen boven de Bosporus dragen zelfs exemplaren van enkele tientallen meters.

Het hoofd van Atatürk doet het ook heel goed. Ik zou bijna gaatjes laten schieten om een paar Atatürk-oorbellen te kunnen dragen. Erdogan is niet direct zo zichtbaar. Je vindt hem vooral in de sporen die hij achterlaat. Op vele plekken hangen foto’s van de schade na de coup en van Turkse burgers die op tankwagens klimmen. In de metro zie je filmpjes van de Turkse vlag die naar beneden wordt gehaald en heel Turkije die hem weer omhoog trekt tussen allerlei kattenfilmpjes door.

Elke keer dat ik een museum, winkelcentrum of metrostation inloop, moet ik door een detectorpoortje

Voor mij lijkt de trots op de huidige samenleving en de trots op Atatürk iets tegenstrijdigs. Op dit moment is de Turkse politiek vrij conventioneel, teruggrijpend op het Ottomaanse verleden. En we kunnen toch ook wel zeggen dat Erdogan zich enigszins anti-Westers uitlaat. Atatürk stond juist voor een moderne Westerse staat, waarvan scheiding van kerk en staat een van de belangrijkste pijlers was. De Turken die ik hierover spreek zien dit heel anders. De trots op het Ottomaanse verleden draait volgens hen om de tijd dat het Ottomaanse rijk een bloeiende wereldmacht was. Toen was dit gebied the place to be als het om handel, kunst of wetenschap ging. Er heerst hier zo'n rijke geschiedenis en cultuur dat er wordt gehoopt op een soort Turkse renaissance. De weg die Atatürk koos past hier juist heel goed bij.

Hoewel ik tot nu toe alleen nog maar jongeren heb gesproken over dit onderwerp lijkt het alsof Erdogan nu een politieke weg inslaat, waar in elk geval veel mensen in Istanbul niet achter staan en dat zijn steun meer in het binnenland ligt. Ik moet dan ook zeggen dat ik maar een paar boerka’s per dag zie. Maar dat betekent niet dat Istanbul de grote, vrije stad is waar alles mogelijk is. Ook daar is nu geen ruimte voor intellectuele ontwikkeling en openheid. Elke keer dat ik een museum, winkelcentrum of metrostation inloop, moet ik door een detectorpoortje. Een bevriende uitwisselingsstudent werd ondervraagd toen hij een foto van een openbaar gebouw maakte. En tijdens een vrolijk ommetje dit weekend liep ik een groepje gewapende mannen tegen het lijf die zeker niet bij de politie hoorden. Hoe rijk haar geschiedenis ook mag zijn, ik denk niet dat Turkije al klaar is voor een renaissance.

{ Lees de  reacties }

hits 2
Door Frank van Esch op 03 oktober 2016

Mooi verhaal! Hou het ietsje apolitiek, zou ik zeggen. Ook kemalisten zijn "verdacht".

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.