01 mei 2019

Nog wel vrienden

De meeste vriendschappen zijn niet oneindig, dat betekent dat ze beginnen en ook ophouden. Vaak gaat dat onopvallend, zo gaan de meeste vriendschappen verloren: je groeit gewoon uit elkaar, door een verandering van woonplaats, school of interesses. In het beste geval gebeurt zoiets in stilzwijgende overeenstemming. Jij belt mij niet meer, ik jou niet. Jij nodigt mij niet meer uit voor je verjaardag, ik jou niet meer. Ik ben niet benieuwd naar waar jij mee bezig bent, jij niet naar waar ik me momenteel mee bezighoud. In mijn ervaring: meestal gaat het zo. Meestal.

Maar soms is het vervagen van een vriendschap niet zo wederzijds. In haar essay Human Relationships beschrijft de Italiaanse schrijfster Natalia Ginzburg menselijke relaties door een leven heen. Wat mij na het lezen van het essay vooral is bijgebleven: het hebben van relaties is evident ook het hebben van een bepaald soort macht. Over een vriendschap waar de een niet meer zo’n zin in heeft en de ander wel, schrijft Ginzburg: ‘We have in our hands the power to make someone suffer.’ 

Als een vriendschap niet langer goed voelt, kun je twee dingen doen: het laten doodbloeden of het verbreken. Ik ben nooit goed geweest in dingen laten doodbloeden. Ik kan moeilijk leven met onduidelijkheid. Ik denk weleens: er zijn twee soorten mensen. Zij die de pleister voorzichtig met beleid en pijnloos verwijderen en zij die ’m er in één keer afscheuren. Dan komt er misschien wat weefsel mee, maar dan ben je er tenminste wel meteen van af en kun je verder leven, de wond laten helen.

Er is een vriend van wie ik me de laatste maanden steeds vaker afvraag of we nog wel vrienden zijn. Er was een tijd dat we elkaar vier keer per week zagen en elke dag spraken. Waarom belt hij nu nooit meer? Waarom spreken we elkaar soms weken niet als ik niet degene ben die contact zoekt? Waarom weet hij niet waar ik mee bezig ben en waarom maakt dat hem niets uit? 

Ik chat naar hem dat ik vind dat onze vriendschap afstevent op iets dat niet te herstellen is. We besluiten erover te praten. We zitten op mijn balkon dat uitkijkt over de snelweg en drinken een alcoholvrij biertje. “Ik heb gewoon niet echt behoefte aan meer sociaal contact”, zegt hij. “Ik heb mijn collega’s, ik heb mijn vriendin. Meer heb ik eigenlijk niet nodig. Voor mij is het prima om vrienden eens per maand of zo te zien.”

“Maar ik heb gewoon niet echt behoefte aan zo’n vriend”, zeg ik. “Ik heb meer nodig. Ik wil dat je mijn vriend bent, niet mijn kennis.”

We praten, zuchten en drinken. Komen tot de conclusie dat we vriendschap op een andere manier waarderen. Hij belooft meer initiatief te nemen, ik beloof te accepteren dat ik altijd de vriend ga zijn die meer initiatief toont. Een ambulance raast met sirene aan ons voorbij. Ik vraag me af wie van ons de meeste macht heeft, maar ik weet het antwoord eigenlijk wel.

Toen ik zei dat er twee dingen zijn die je kunt doen wanneer een vriendschap niet meer goed voelt, vergat ik nog een derde optie: erover praten. “Dus we maken het nog niet uit?” vraagt mijn vriend, voorzichtig grijnzend. “Nee”, zeg ik. We drinken het biertje op en beginnen een gesprek over iets anders.
Ginzburg schrijft: ‘Human relationships have to be rediscovered every day.’

hits 265

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties.

Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.