Promotor Karima Kourtit in Polen was Peter Nijkamp

NIEUWS

Campus  14 oktober 2015

Promotor Karima Kourtit in Polen was Peter Nijkamp

reacties 35

Econoom Karima Kourtit, die onlangs cum laude promoveerde aan de Poolse Adam Mickiewicz University, deed dat onder begeleiding van promotor… Peter Nijkamp. Die informatie heeft NRC-journalist Frank van Kolfschooten weten op te duikelen.

Kourtits Poolse proefschrift, dat net online is gezet, draagt een titel die sterk doet denken aan die van het proefschrift dat door een VU-commissie werd afgekeurd nadat een anonymus erover geklaagd had: ‘New Urban World; Economic-Geographical Studies on the Performance of Urban System’.

Andere oriëntatie

Maar tegen Advalvas verklaarde ze dat de focus een totaal andere was: “Het onderwerp is niet hetzelfde, het heeft een andere oriëntatie: geografisch in plaats van economisch, het heeft geen enkele overlap met mijn Nederlandse dissertatie, het zijn andere papers.”

Nijkamp zou ook haar promotor aan de VU zijn, maar hij trok zich terug na de ophef rond het proefschrift. Vervolgens kwam Nijkamp zelf onder vuur te liggen omdat hij veelvuldig plagiaat en zelfplagiaat zou hebben gepleegd. Na de bevindingen van een commissie die zich daarover heeft gebogen, is hij met pensioen gegaan.

Eredoctoraat

Maar in het buitenland timmeren Nijkamp en ook Kourtit nog flink aan de weg. Kourtit is postdoc in Zweden. Nijkamps ster schittert nog aan verschillende universiteiten in onder andere Oost-Europa. De Adam Mickiewicz University verleende hem onlangs nog een eredoctoraat.

Kourtit heeft de VU aangeklaagd bij het college van de rechten van de mens. Die oordeelde afgelopen zomer dat de VU had moeten onderzoeken of ze iets kon doen tegen de discriminerende berichtgeving over Kourtit in verschillende media.

Peter Breedveld
BEELD: Peter Valckx
hits 11845

{ Lees de 35 reacties }

Gelukkig hebben we mensen met een gezond verstand in de wetenschap. Ik vrees het volgende voor NN en zijn 'mensjes': het einde is in zicht...................... (ik daag jullie (NN et al,......) hierbij uit: excuus aan de sterren............ en de wetenschap (word ik nu eruit........? ;-))

Karima Kourtit heeft nog niet gereageerd op mijn eerste inhoudelijke bijdrage. Dat valt me tegen van een econoom die al tweemaal is gepromoveerd (éénmaal met cum laude). Die moet zonder meer in staat zijn om binnen no time korte metten te maken met wat losse flodders van mijn kant. En iemand met een cum laude moet staan te popelen om de meer inhoudelijke review van NN te weerleggen. Tijdens de openbare promoties op de RUG in mijn vakgebied worden vaak dat soort detailvragen over figuren en berekeningen gevraagd en soms wordt daar flink over doorgezaagd. Een promovendus op de RUG wordt geacht om er inhoudelijk op te reageren. Vanzelfsprekend heb ik meegemaakt dat een promovendus tijdens de promotie toegeeft dat de hooggeleerde opponens (etc.) gelijk heeft dat er een fout zit in een figuur, in een berekening, etc. Dat zal op de VU niet anders zijn. Niemand is foutloos en natuurlijk hoeft ook een promovendus niet op elke vraag een antwoord te weten. Op de RUG heb ik ook een promotie meegemaakt van iemand die hier was geboren en getogen en die die opvallend veel taalfouten in de Nederlandse stukjes van zijn proefschrift had staan. Maar daar viel volgens mij toen niemand over, want X had een prima proefschrift en kon prima weerwoord geven op moeilijke inhoudelijke detailvragen. X wordt nog steeds geplaagd als hij een taalfout maakt, maar iedereen wil graag met hem samenwerken omdat hij erg slim is.
.
Dus Karima, graag reageren en graag laten zien dat je in het openbaar je weerwoord kunt geven (X doet het ook en is maar éénmaal gepromoveerd) en dus graag kort en krachtig duidelijk maken dat ik onzin aan het uitbraken ben als ik inhoudelijke opmerkingen maak over je tweede proefschrift. Karima, het gaat hier dus over de inhoud en over inhoudelijke kritiek over je werk. Gemakshalve verwijs ik even naar http://journals.plos.org/ploscompbiol/article?id=10.1371/journal.pcbi.10... ("Ten Simple Rules for Building and Maintaining a Scientific Reputation").
.
Goed, terug naar het tweede proefschrift. Eerst wat algemene losse flodders, deels gebaseerd op de detailanalyse van NN van hoofdstuk 5. Uiteindelijk kom ik tot de conclusie dat hoofdstuk 5 niet meer en niet minder is dan een eerste zeer ruw concept met veel losse ideeën, losse flodders / invallen, wat voorlopige berekeningen en met wat tabellen en een figuur, en dat alles om allerlei gedachten wat vorm te geven. Niet meer en niet minder. Prima als voorlopig eerste concept 'schiet er maar op', prima voor een auteur die op die wijze werkt (eerst maar eens mijn hoofd leegstorten op papier, want anders vergeet ik de invallen, etc.). Maar die versie is een beetje gefatsoeneerd tot iets wat moet doorgaan voor een wetenschappelijk artikel en linea recta van de PC van Karima naar de opmaker van het proefschrift gestuurd. Troep dus en ook nog eens van iemand waarbij ik voortdurend het idee heb dat er buitengewoon weinig wetenschappelijke diepgang zit in de teksten die ik lees. Vanzelfsprekend laat ik me door Karima graag van het tegendeel overtuigen.
.
Misschien blijft bij flink wieden van hoofdstuk 5 slechts één kernstukje over. Misschien ook niet. Misschien valt bij nader inzien en na veel kritisch zelfonderzoek uiteindelijk alles over de rand. Ik publiceer ook niet alle wilde ideeën die in mijn hoofd komen en volgens mij moet Karima leren om het ook op die manier te doen.
.
Het nieuwe proefschrift telt 388 pagina's (PDF's.). Ik stel voorstel 95% weg te gooien (dan houd je ongeveer 15 pagina's over) en de kern van het hele betoog in deze 15 pagina's weer te geven. Ik ben er nog niet van overtuigd dat uit deze kern zelfs nog wel iets substantieels valt te halen. Maar dat laat ik graag aan de echte deskundigen over.
.
Verder beveel ik Karima aan om een flinke inhaalslag te doen qua bijlezen van de primaire literatuur. Te beginnen met alle werken van Charles Darwin en die vervolgens rustig laten bezinken. Vanzelfsprekend horen ook de boeken van Edward Wilson op de leeslijst te staan, idem de boeken van Jared Diamond. Wellicht hebben anderen ook nog wel wat ideeën.
.
En nu nog even over Figuur 1 op pagina 95/100 van het Poolse proefschrift (en een voorloper op pagina 319 in het artikel waar Richard Gill naar verwijst). Ik beschouw figuren altijd als een kernonderdeel van een artikel. Goede artikelen zijn zodanig opgebouwd dat je -globaal- al flink wat van de kern van het artikel begrijpt als je de figuren / het kernfiguur bestudeert. Vanzelfsprekend moeten de figuren voorzien zijn van een goede legenda en een goed onderschrift.
.
Na lang kijken eindelijk de logica in de volgorde van de steden gevonden: nieuw begint bij Londen en eindigt bij Cairo, oud begint bij Tokio en eindigt bij Brussel. Er is een soort van primitieve alfabetische volgorde toegepast (wordt door mij meteen afgekeurd). Vervolgens doemen diverse vragen op:
(1): welke inhoudelijke argumenten zijn er om te rechtvaardigen dat voor een alfabetische volgorde is gekozen en voor een primitieve vorm ervan.
(2): wat waren de argumenten om niet te kiezen voor een volgorde / ordening (toenemend dan wel afnemend) in pak hem beet de hellingshoek van de lijnen, het inwoneraantal van de steden, de afstand tot de kust en/of een grote rivier (cf hoofdstuk over de havensteden), hoogte van het datapunt in 2009, hoogte van het datapunt in 2013, gemiddelde hoogte van de vijf datapunten, en zo zijn er vast nog wel een aantal zinvolle ordeningscriteria te bedenken.
.
Zelf gebruik ik de alfabetische volgorde eigenlijk alleen maar in het dankwoord als ik mensen moet bedanken zonder verdere uitleg. Natuurlijk heb ik daar een argument voor, want dan kan niemand zich gepasseerd voelen (vaak zijn de bijdragen niet gelijk).
.
Verder denk ik altijd erg lang na hoe je datapunten (en lijnen) in een dergelijk figuur zo optimaal mogelijk kunt presenteren en hoe je via een uitgekiende grafische presentatie het figuur de kern van je betoog / bevinding kunt laten vertellen. Dat lukt me niet bij dit figuur (maar dat kan goed liggen aan mijn gebrek aan inzicht in de materie). Daar staat tegenover dat ik best wel eens wat blikken werp in artikelen over een economisch aspect (breed genomen) en vaak al vlot de kern begrijp door naar de figuren te kijken. Helaas lukt dat me hier dus niet. Zie ook hieronder. Iets ('score') neemt kennelijk overal toe in de loop van de tijd (eenheid onbekend, 'time'). Hmmm.
.
De opmerkingen over R (vlak boven het figuur) slaan nergens op voor iemand die recent in Nederland is gepromoveerd en die kortgeleden cum laude in Polen is gepromoveerd. Tweedejaars studenten biologie aan de RUG zijn gewoon met R aan de gang (eigen waarneming, mei 2015) en zullen er niet over peinzen om dit soort nietszeggende opmerkingen in een verslag / artikel etc. te zetten.
.
De getallen op de X-as moeten worden vervangen door jaren en een statisticus zal gruwen dat er is begonnen met 0 (het jaar 2009). Dag 0 (van bijvoorbeeld het jaar 2015) bestaat niet: 1 januari 2015 = dag 1.
.
Het woord 'Time' op de X-as moet worden vervangen door 'Year' (of 'Years'). Een vlotte lezer (ik) begrijp niets van het woord 'Score'. Staat niet uitgelegd in het figuuronderschrift en staat ook niet uitgelegd in de tekst erboven. Ik zie dus een soort van vreemde sprong tussen de eerste drie datapunten (2009, 2010 en 2012) en de datapunten uit de beide jaren erna. Ik zie dat alle lijnen stijgen (Moskou vergeet ik maar even) en ik struikel vervolgens meteen over de eerste zin onder het figuur.
.
Die rare sprong tussen 2011 en 2012 bij (bijna) alle steden valt natuurlijk vlot op (zie ook de bijdrage van NN). Dat roept natuurlijk vragen op. Volgens mij staat dit nergens in de tekst uitgelegd. In mijn vakgebied komen ook best vaak dit soort zaken voor (drie datapunten in periode A en twee datapunten in periode B, etc.), maar dat wordt dan (a) bij het figuur gezet en uitgelegd (iets in de drie zomers voor de strenge winter en hetzelfde iets in de eerste twee zomers na de strenge winter, etc.), en (b) (bijna) altijd met symbolen in het figuur zelf aangegeven (of bijvoorbeeld de strenge winter met een verticale lijn, etc.). Talloze mogelijkheden / variaties, afhankelijk van de data. NN geeft een verklaring; ik ben benieuwd naar het weerwoord van Karima Kourtit hierop. Karima, graag een briljante uitleg hoe het echt zit.
.
Bij een uitspraak als 'veel variatie op allerlei vlakken' (vlotte samenvatting, van de tekst onder het figuur) verwacht ik iets als lijnen die min of meer lukraak alle kanten oplopen (naar boven, naar beneden, grote variatie in steilheid, etc.). Mijn belangrijkste boodschap zou dus zijn dat alle lijnen stijgen (de ene wat meer, de andere wat minder etc.). Wellicht wordt dat verderop wel duidelijk, maar ik ben de draad kwijtgeraakt. Ik begrijp bovendien niet de verwijzing naar Bliese in dit stukje onder het figuur.
.
Ik houd er mee op want (a) ik begrijp niet waar Karima het over heeft en (b) volgens mij is het troep. Ik laat me graag door Karima van het tegendeel overtuigen en roep hierbij Karima nogmaals op om deel te nemen aan het openbare debat over de inhoudelijke kwaliteit van haar Poolse proefschrift.

PS: ik kijk hier dus als een relatieve buitenstaander naar en richt me deels op wat hoofdlijnen (en op wat stokpaardjes). Ik denk dat het erg goed is dat meerdere mensen vanuit meerdere invalshoeken goed kritisch naar dit nieuwe proefschrift kijken.

Op http://frankvankolfschooten.nl/wordpress/?p=825 staat een artikel van wetenschapsjournalist Frank van Kolfschooten over deze kwestie. Er staat te lezen dat Karima Kourtit en Peter Nijkamp niet hebben gereageerd op vragen van de kant van Frank van Kolfschooten. Dat is dus het bekende beeld.
.
Er staat ook een reactie van de voormalige rector magnificus van de VU.
.
Zijn uitspraak "de internationale aandacht die de casus van mevr. Kourtit heeft gekregen rechtvaardigt de stelling dat men aan de universiteit van Poznan wist waar men aan begon" spreekt boekdelen. Dit is dus de openbare aanbeveling ('recommendation letter', of zo iets) van de oud-rector [in rang de hoogste functionaris ten tijde van het arbeidscontract van Karima Kourtit] van de vorige universiteit van Karima Kourtit.

Er bestaan dus drie versies van hoofdstuk 5 van het Poolse proefschrift van Karima Kourtit, maar ik raak het spoor bijster als ik een chronologische volgorde probeer te reconstrueren. Ergo: wat is versie 1 (in tijd), wat is versie 2 (in tijd) en wat is versie 3 (in tijd).
.
De literatuurlijst in de versie in het Poolse proefschrift stelt dat het artikel in Procedia 'forthcoming' is. Het wordt me niet duidelijk wat wordt bedoeld met de bron Kourtit 2014a in de versie in het Poolse proefschrift. Is dit een rapport / working paper o.i.d. en staat deze bron ergens online (bijvoorbeeld op de site van de VU)?
.
http://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S2212567114003074 (de link naar de versie die in Procedia is verschenen) stelt "Available online 7 September 2014". De literatuurlijst van deze versie vermeldt:

* Kourtit, K., 2013. The New Urban World. Ph.D Thesis, VU University, Amsterdam.
.
Dat is het eerste proefschrift van Karima Kourtit dat in mei 2013, kort voor de promotie, door de VU is teruggetrokken (= 'retracted'). Het is op zijn minst opmerkelijk dat naar zo'n bron wordt verwezen, zeker omdat niet wordt aangegeven dat deze bron 'retracted' is. Of stamt deze versie nog van voor 24 mei 2013 http://www.vu.nl/nl/nieuws-agenda/nieuws/2013/apr-jun/geplande-verdedigi...
.
http://www.elgaronline.com/view/9781783475353.xml is de link naar de derde versie (een hoofdstuk in een boek met als titel 'The Rise of the City') en verschenen op 28 Augustus 2015. De literatuurlijst van het boek verwijst naar het artikel in Procedia (met de correcte paginanummers en aflevering). Ook deze derde versie vermeldt in de literatuurlijst:
* Kourtit, K., 2013, The New Urban World. Ph.D Thesis, VU University, Amsterdam. Kennelijk stamt ook deze versie nog van voor 24 mei 2013?
.
Hierbij een vriendelijk verzoek aan Karima Kourtit om uit te leggen hoe dit allemaal met elkaar is te rijmen. Zie Rule 4 in
http://journals.plos.org/ploscompbiol/article?id=10.1371/journal.pcbi.10...

Ondertussen heb ik een alternatieve verklaring bedacht voor de primitieve wijze waarop de volgorde van de steden in Figuur 1 tot stand is gekomen (overigens identiek in alle drie versies): de opmaker / vormgever heeft de zaak verprutst. Ik publiceer zelf ook wel in een tijdschrift met een opmaker die geen figuren kan opmaken cq ze verprutst. Met Y heb ik wel eens fouten zitten tellen in een figuur van deze opmaker. We zijn maar gestopt toen we een lijst van 27 fouten hadden.

Terzijde, is al bekend wat de status is van het onderzoek naar datamanipulatie door Nijkamp cs?

Laat ik vooropstellen dat ik er geen enkel bezwaar tegen heb dat Peter Nijkamp stug doorgaat met het bouwen aan een oevre wat net zo hoog is als de toren van Babel. We leven in een vrije wereld en Peter Nijkamp is vrij om te publiceren wat hij wil en hoeveel hij wil.
.
Ik heb er echter wel bezwaar tegen als dit gebeurt onder de vlag van de VU en onder de vlag van de Adam Mickiewicz University in Polen, en zeker zo lang Peter Nijkamp weigert om in het publiek (= hier op Ad Valvas, op Pubpeer, in contacten met wetenschapsjournalisten, etc.) met puur wetenschappelijke argumenten een stevig inhoudelijk weerwoord te geven op de inhoudelijke kritiekpunten van NN (en anderen) op in ieder geval hoofdstuk 5 van het Poolse proefschrift.
.
Gemakshalve begin ik met het citaat van NN over Moskou. "In a mind-blowing expression of incompetence they even conclude that all cities except Moscow express growth-performance. The actual reason that the regression line is horizontal for Moscow, however, is that it had its data points from 2012 and 2013 missing. As the authors present their R-syntax (in the text, which is by the way also odd) it is not difficult to see why the last two data points were excluded: this is due to an error in the syntax. In the box on p.95, "data= univ.dateorase [1:63,]” means that only the first 63 data points were used to draw graphs. To draw graphs for all cities, this number should have equaled 35*5=175. However, it must be noted that p. 95 lists 18 plots with 5 data points and 1 plot with 3 data points, for a total of 18*5+3=93. This means that the graphs cannot have been generated with the R code presented by the authors."
.
Iemand met de status van Peter Nijkamp moet zonder meer in staat zijn om met minimaal 20 argumenten en met 10 goede bronnen het onderstaand betoog over Moskou van NN naar het rijk der fabelen te verwijzen.
.
Cruciaal is het citaat "The general observation from the benchmarking exercise in Figure 1 is that there is a high score of variability in the growth performance of the cities concerned. These are several degrees of growth performance. An exception appears to be Moscow.". Dit citaat staat op pagina 95 van het Poolse proefschrift en op pagina 126 in het boek "The Rise of the City'.
.
Peter Nijkamp heeft dit citaat minimaal vier maal onder ogen gehad: (1) als auteur van het hoofdstuk van het boek; (2) als editor van het boek; (3) als auteur van hoofdstuk 5 in het proefschrift; (4) als supervisor / promotor van het Poolse proefschrift van Karima Kourtit.
.
Zonder inhoudelijk weerwoord met de 20 argumenten en de 10 goede bronnen blijf ik op het standpunt staan dat de VU Peter Nijkamp volkomen terecht via de achterdeur van de fietsenstalling van de VU met pensioen heeft gestuurd.
.
http://journals.plos.org/plosone/article?id=10.1371/journal.pone.0132885 is een op 15 oktober 2015 verschenen publicatie van een replicatie van een onderzoek in een publicatie van Jens Förster (voorheen UvA). Die publicatie van Jens Förster is teruggetrokken ('retracted'), net als het 2013 proefschrift van Karima Kourtit. De verwijzing naar beide bronnen in het artikel in Plosone is zoals het moet en dat kan iedereen nalezen in deze publicatie. Bovendien worden alle ruwe data bijgevoegd (deels zelfs in het Duits). Het artikel in Plosone is bovendien heel helder en compact. Prachtig.
.
Daarentegen is het op zijn minst merkwaardig (en dan druk ik me zacht uit) dat Peter Nijkamp en Karima Kourtit niet eerlijk zijn over de status van het teruggetrokken ('retracted') proefschrift uit 2013 als ze ernaar verwijzen (zie mijn vorige bijdrage). Volgens mij is de tot nu toe onvindbare bron Kourtit 2014 (zie eerder) [min of meer] gelijk aan Kourtit (2013), het teruggetrokken ('retracted') proefschrift uit 2013. Het is aan Peter Nijkamp en Karima Kourtit om met niet te weerleggen documentatie op de proppen te komen (inclusief een tijdspad) die duidelijk maakt dat ik hier onzin aan het uitkramen ben.
.
https://www.kth.se/social/upload/529e4911f276547f73e11364/StudentCheckli... is een link naar "CHECKLIST TO HELP YOU PREVENT PLAGIARISM IN YOUR WORK" op de website van de huidige werkgever van Karima Kourtit. Iedereen met al dan niet vage vermoedens over (al dan niet grootschalig) knip en plakwerk van Karima Kourtit is natuurlijk vrij om deze al dan niet vage vermoedens te controleren met deze checklist en om vervolgens actie te ondernemen. "Put another way, if you submitted an essay made up entirely of quotations from other sources you would probably gain a low or zero mark." Een nul dus.
.
Ik ben ook wat aan het lezen geweest in enkele hoofdstukken van andere auteurs van het boek 'The Rise of the City'. Over het algemeen zijn dat hele aardige teksten met een prima inleiding, met een prima uitleg wat men met de data heeft gedaan, met een prima presentatie van de gegevens en met een prima discussie (en dat alles met veel mitsen en maren en nuances). Zo op het eerste gezicht en met de oppervlakkige blik van een buitenstaander is daar niets mis mee. Heldere betogen, veel mitsen en maren om de beschikbare dataset wat aan te passen aan de te beantwoorden vragen (heel logisch), genunanceerde opmerkingen, goede bronverwijzingen, prima tabellen en figuren (met een logische sortering en met een juist gebruik van 0), etc. Ik ben geen econoom, dus ik kan geen uitspraak doen over het niveau van deze stukken. Wel is vlot duidelijk dat het heel andere koek is dan de stukken van Karima Kourtit (al dan niet samen met Peter Nijkamp). Die stukken doen snel weer terugdenken aan allerlei algemene opmerkingen van NN in zijn uitgebreide rapportage. En volgens mij is het gewoon troep.
.
.
Het grootste probleem is en blijft echter de persistente weigering van zowel Peter Nijkamp als Karima Kourtit om in het openbaar (hier op Ad Valvas, maar ook op Nederlandse universiteiten, etc.) het wetenschappelijke debat aan te gaan over de kritiekpunten dat de wetenschappelijke kwaliteit van hun output zo vreselijk beroerd is.
.
Ik heb hier een tijdje over nagedacht en ben uiteindelijk tot de conclusie gekomen dat dit buitengewoon hardnekkige standpunt van zowel Karima Kourtit als Peter Nijkamp in strijd is met (a) de veel geroemde goede algemene akademische vorming van studenten op alle Nederlandse universiteiten (= het aangaan van dialogen en debatten over wetenschappelijke items, natuurlijk sterk afhankelijk van de richting van de studie en het jaar) (b) bepalingen in de Nederlandse Gedragscode Wetenschapsbeoefening (uitleg geven) en (c) het modewoord 'valorisatie'. Dat komt natuurlijk heel simpel overeen met het idee dat van Nederlandse wetenschappers geacht wordt om op een redelijke manier hun visies / standpunten ook in het openbaar te willen delen met het algemene publiek (bijvoorbeeld via de krant, TV etc. en door antwoorden te geven op vragen van journalisten die vervolgens het algemene publiek kunnen informeren).
.
De Adam Mickiewicz University in Polen doet mee aan het Erasmus programma en voetstoots ga ik er dus vanuit dat ook Adam Mickiewicz University in Polen hoge kwaliteitsnormen heeft voor het wetenschappelijke niveau van de onderzoeksoutput en voor de akademische vorming van studenten door middel van (onder andere) debat en dialoog over wetenschappelijke items.
.
.
Ik maak me dusdanig veel zorgen over het belabberde niveau ('troep') van veel van de recente publicaties van Karima Kourtit en Peter Nijkamp, dat ik eergister contact heb gelegd met autoriteiten van de Adam Mickiewicz University. Ik kreeg vlot een vriendelijke reactie en heb vandaag een uitgebreide e-mail teruggestuurd. In deze e-mail doe ik twee voorstellen:
.
1. Contact Dr. Kourtit and professor Nijkamp and ask them to hammer down with scientific arguments all statements in the review of chapter 5 of the Polish PhD thesis of Dr. Kourtit which is published at the website of Ad Valvas and ask them to publish their rebuttal in English at the platform Pubpeer and in English at Ad Valvas.
.
2. Tell Dr. Kourtit and professor Nijkamp that it is not longer allowed to use Adam Mickiewicz University as affilation when submitting papers to journals and/or when publishing / preparing books as long as they have not published this rebuttal at Pubpeer and at Ad Valvas, and as long as they are unwilling to discuss scientific aspects of any of their recent papers with any interested party (including science journalists, interested students, and others).
.
Ik stel hierbij voor dat de VU hetzelfde gaat doen. Er is vast een lezer van dit bericht die mijn verzoek kan doorgeven aan personen op de VU die verantwoordelijk zijn voor het bewaken van de wetenschappelijke kwaliteit van publicaties met een VU affiliatie.
.
Ik heb dus het standpunt dat de wetenschappelijke kwaliteit van veel van de recente publicaties van Karima Kourtit en Peter Nijkamp dusdanig laag is, dat dit ver beneden het meest minimale niveau ligt van wat de buitenwereld verwacht van publicaties met een affilatie van de VU cq met een affilatie van een Nederlandse universiteit. Veel van die stukken zijn bagger / troep en daar hoort geen affilatie van de VU bij.
.
Blijft staan dat ik er dus geen enkel probleem mee heb dat Peter Nijkamp (al dan niet samen met Karima Kourtit) stug blijft doorwerken aan een oevre zo hoog als de toren van Babel (of nog veel hoger). Mijn e-mail aan de Poolse autoriteiten sluit ik af met "Feel free to ignore my recommendations". Hetzelfde geldt natuurlijk voor de VU.

Klaas Dijkstra schrijft: "Ik heb er echter wel bezwaar tegen als dit gebeurt onder de vlag van de VU en onder de vlag van de Adam Mickiewicz University in Polen"

Het is de verantwoordelijkheid van de betrokken instituten hier orde op zaken te stellen. Ik ken de status van de Adam Mickiewicz University niet, en wens dat graag zo te laten, maar de VU heeft een gedegen reputatie als het gaat om het toedekken van wetenschappelijk wangedrag. Ik verwacht dan ook dat het de VU aan heur reet zal roesten wat er, door Nijkamp, Kourtit en anderen, allemaal wordt uitgespookt onder de comfortabele mantel der liefde van de VU. Ik vrees dat Klaas Dijkstra hier een roepende is in de woestijn...

@ Izak van Langevelde op 16 oktober 2015 - 11:10 "Terzijde, is al bekend wat de status is van het onderzoek naar datamanipulatie door Nijkamp cs?"

Daar weet ik weinig van. Wel is zonneklaar dat Nederlandse universiteiten niet spotten met de plicht om op grond van de Gedragscode ruwe data te overhandigen aan collega's, zie http://www.nrc.nl/nieuws/2015/07/01/universiteit-integriteit-in-geding-b...

Iedere onderzoeker dit dit allemaal zelf nog eens wil narekenen en 0 op het request krijgt van Karima Kourtit en/of Peter Nijkamp en/of één van hun collega's kan dus vervolgens een klacht indienen bij de VU over deze weigering (en met een beroep op deze duidelijke uitspraak van de RUG), in ieder geval als het gaat om een publicatie met een VU affilatie.

PS: veel dank voor het verwijderen van kwelgeest CAPTCHA.

Ik wilde graag twee boodschappen meegeven aan Karima Kourtit en aan Peter Nijkamp.
.
De eerste is een vriendelijk verzoek om het voorbeeld te volgen van Donald A. Graft op https://pubpeer.com/publications/E0F8384FC19A6034E86D516D03BB38
.
Iedereen kan lezen dat Donald A. Graft hier in het openbaar aan alle peers vraagt om feedback op een artikel wat hij heeft geschreven. Dat is moedig en tekent de kwaliteit van Donald A. Graft: hij is niet bang om in het openbaar feedback te vragen aan zijn meest gevreesde critici. De eerste die reageert is Richard Gill, ook hier actief. Er ontwikkelt zich een discussie / debat waar ik weinig tot niets van begrijp, maar het gaat me om de discussie / het debat op een openbaar platform wat is opgericht om de discussie op gang te brengen van gepubliceerde artikelen.
.
ArXiv is iets wat je prima kunt vergelijken met http://www.tinbergen.nl/discussionpaper-search Hierop staan 183 'discussion papers' met Peter Nijkamp als auteur. Het enige verschil is dat papers op arXiv een DOI hebben en daardoor op Pubpeer bediscussieerd kunnen worden.
.
Hoofdstuk 5 van het Poolse proefschrift van Karima Kourtit is ook als hoofdstuk van een boek met een DOI gepubliceerd en hetzelfde geldt voor een voorloper ervan in iets met een Elsevier logo. Hierbij daag ik zowel Peter Nijkamp als Karima Kourtit uit om te bewijzen dat ze minimaal zoveel moed hebben als Donald A. Graft door zelf op Pubpeer van het hoofdstuk 5 eenzelfde soort entry te maken en ervoor te zorgen dat de review van NN hier op komt te staan.
.
https://pubpeer.com/publications/85C712D040528F6263E91EC7EB23F5 (peer 1 = Joy Christian, de auteur van het artikel) is een briljant voorbeeld van zo'n wetenschappelijk debat / dialoog waarbij de deelnemers alles uit de kast halen (inclusief persoonlijke verwijten en noem maar op) om elkaar te overtuigen. Sterk aanbevolen, zelfs als je helemaal niet begrijpt waar het over gaat. Het gaat dus om de argumenten die over en weer met elkaar worden uitgewisseld.
.
https://pubpeer.com/publications/D985B475C637F666CC1D3E3A314522 en https://pubpeer.com/publications/B087561066AD645C5348ADC2E4CF1C zijn twee andere voorbeelden van lange discussies met het over en weer uitwisselen van argumenten. De inhoud ontgaat me, maar het gaat me om het debat / de discussie en de argumenten die worden gebruikt om elkaar te overtuigen.
.
Ik heb me laten vertellen dat een dergelijk debat / discussie heel normaal is bij mathematici, natuurkundigen etc., maar ik heb tot nu toe 0 inhoudelijke argumenten kunnen vinden die zouden kunnen verhinderen dat economen als Karima Kourtit en Peter Nijkamp een dergelijke openbare discussie niet zouden kunnen / mogen opstarten. In tegendeel (zie ook mijn vorige bijdragen): want juist het op gang brengen van deze inhoudelijke discussie / het debat is een essentieel onderdeel van de akademische vorming van studenten op de Nederlandse universiteiten.
.
.
Het tweede verzoek aan Karima Kourtit en aan Peter Nijkamp is om overtuigende bewijzen op tafel te leggen (= documenten met naam en toenaam en met de kritiekpunten) van de personen die ze gevraagd hebben om inhoudelijk commentaar op hoofdstukken uit het Poolse proefschrift van Karima Kourtit. En om te beginnen met alles van de drie versies van het hoofdstuk 5 uit het Poolse proefschrift.

Dit verzoek onderbouw ik met een eigen voorbeeld van een moedige onderzoeker (Z). Ik fungeer op zijn verzoek wel eens als sparring partner van Z en kreeg een tijdje geleden een verzoek van Z of ik zin had te kijken naar een manuscript wat hij binnenkort wilde indienen bij tijdschrift Y. Prima. Dit manuscript had veel overeenkomsten met de drie versies van hoofdstuk 5 van het Poolse proefschrift: een Abstract zonder info (Elsevier versie), een nogal onbegrijpelijke inleiding (waar eigenlijk helemaal niets instond), een onduidelijke vermelding naar bronnen (er was sprake van een gekaapte versie van een bron), eigenlijk helemaal geen conclusie (ofzo), en het was ook niet echt helemaal duidelijk wat hij had gedaan. Het Engels was ook (erg) beroerd (zacht uitgedrukt). Maar goed, het ging over iets in mijn vakgebied, dus na wat inlezen begrijp ik wel waar het over gaat en wat hij had gedaan. De 'body' was prima.
.
Ik heb er ongeveer anderhalve dag tijd in gestoken en had toen pak hem beet tegen de 100 opmerkingen (vooral over het begin en het eind) en nog een apart A4tje met daarop hoe je volgens mij het artikel moest opzetten. Dat verzonden aan Z. Die werd niet boos op mij en vertelde dat het met het Engels wel goed zou komen, want hij zou het nog laten controleren door een Amerikaan. Een tijdje later kreeg ik een nieuwe versie en die heb ik met weer heel veel commentaar teruggestuurd. De 'body' was dus goed (een hele lange beschrijving van allerlei zaken, details doen er niet toe). Op een gegeven moment via Facebook nog tien maal binnen korte tijd steeds weer nieuwe versies van het Abstract met Z uitgewisseld. En toen bleef het een tijd stil. Na meer dan een half jaar kwam ik weer eens in contact met Z over de stand van zaken. Het bleek dat hij dit project voorlopig even in de ijskast had gezet, met name omdat hij diverse andere artikelen eerst wilde afronden. Dat is moedig in meerdere opzichten en ik heb veel bewondering voor het doorzettingsvermogen van Z. Daar kan aan worden toegevoegd dat Z niet is opgehouden om mij te vragen voor commentaar, want onlangs zijn we weer erg goed bezig geweest om een ander leuk manuscript flink op te poetsen.

De vraag is dus onder andere hoe het kan Karima Kourtit en Peter Nijkamp pure rommel publiceren, zoals bijvoorbeeld de drie versies van hoofdstuk 5 van het Poolse proefschrift van Karima. Een gedegen en uitputtende rebuttal op de review van NN is de enige begaanbare weg voor Peter Nijkamp en voor Karima Kourtit als ze bezwaar hebben tegen mijn uitspraak dat het hier gaat om 'pure rommel'.

En wie zijn hun peers / vakgenoten / collega's etc. die tijdens (a) de peer-pressure fase en (b) de peer-review fase ervoor moeten zorgen dat deze rommel niet wordt gepubliceerd? Want daar gaat het natuurlijk om. Het is dus geen enkel probleem om rommel over de heg te gooien in de eerste fase (zie bijvoorbeeld de discussie tussen mij en Z), of in de tweede fase (de peer-review), maar deze beide fasen zijn er juist voor bedoeld om ervoor te zorgen dat rommel niet wordt gepubliceerd. Hoe zit dat? Durven Karima Kourtit en Peter Nijkamp hun concepten voor te leggen aan hun meest gevreesde critici? Eén ding is zeker: Z durft het wel. En vergeet ook niet de moed van Donald A. Graft. Die durft in het openbaar in debat te gaan met zijn meest gevreesde critici.

Ik betwijfel of de commentaar sectie van een kattenbelletje als Ad Valvas de geeigende manier is om een boodschap door te geven aan Nijkamp en Kourtit. Je kunt zoiets ook op het prikbord bij de buurtsuup opprikken.

Je zou kunnen proberen een ingezonden brief in een landelijk dagblad of vaktijdschrift te plaatsen, of, met wat meer werk, een artikel over de kwestie, waarin je je oproep verwoordt?

Pagina's

Reageren?

Houd je bij het onderwerp, en toon respect: commerciële uitingen, smaad, schelden en discrimineren zijn niet toegestaan. De redactie gaat niet in discussie over verwijderde reacties